Vitamine D-spiegel bij artsen ondermaats
PubMed bevat momenteel bijna 25.000 publicaties over calcium en vitamine D, waarvan er 1.500 in 2014 werden gepubliceerd. Bijna 40% van de bevolking heeft een vitamine D-spiegel beneden de drempel van 50 nmol/l. Daarom schrijven almaar meer artsen vitamine D-supplementen voor. En hoe zit het met de vitamine D-spiegel van de artsen zelf?
Vitamine D-deficiëntie of -insufficiëntie is een probleem voor de volksgezondheid. Vitamine D-supplementen zijn geïndiceerd, zeker bij risicogroepen (postmenopauzale osteoporose, bejaarde, fragiele patiënten) omdat het risico op fracturen en de sterfte anders significant zullen stijgen. Er zijn onvoldoende gegevens om systematisch vitamine D-supplementen aan te raden in de algemene bevolking, maar veel experts denken dat een te lage vitamine D-spiegel (< 50 nmol/l) spier-, bot- en andere minder bekende problemen kan veroorzaken, tenminste als je gelooft dat vitamine D pleiotrope effecten heeft.
Artsen hebben te weinig vitamine D
Deze studie heeft de vitamine D-spiegel gemeten bij 43 ziekenhuisartsen en 38 artsen in een land in het Midden-Oosten dat bekend staat voor zijn zonnige klimaat. De ziekenhuisartsen hadden een lagere 25-OH-vit D-spiegel dan de huisartsen (15 ± 6 versus 19,7 ± 6 ng/ml, p < 0,001). En alle artsen hadden een spiegel lager dan 75 nmol/l (30 ng/ml). Dat cijfer verschilde naargelang van de origine (Arabieren versus Israëliërs), maar was toch altijd lager dan de norm. Voorspellers van een lage vitamine D-spiegel waren de leeftijd, het aantal nachten wachtdienst, blootstelling aan de zon en de etnische herkomst.
Een risicopopulatie
De conclusie van de auteurs is dat ziekenhuisartsen risico lopen en vitamine D-supplementen zouden moeten innemen. Die gegevens zetten ook de betrouwbaarheid van de vitamine D-drempel op de helling. Je kan je immers afvragen waarom er zo'n tekorten worden waargenomen bij mensen die in streken leven waar de zon maximaal schijnt.