Reumatoïde artritis in remissie: de behandeling stopzetten of voortzetten?
Mag je bij patiënten met een reumatoïde artritis (RA) die in remissie zijn met een biologisch geneesmiddel, de behandeling stopzetten of moet je de behandeling net voortzetten? En wat zijn daar de economische implicaties van?
Moet je het biologische geneesmiddel bij een RA-patiënt in remissie stopzetten of voortzetten? Stopzetting van de behandeling houdt een risico in voor de patiënt. Voortzetting van de behandeling is duur en misschien zinloos. Deze Zweedse groep stelt daarom een compromis voor: de behandeling voortzetten in de helft van de dosering.
Een halve dosering is kostenefficiënt
De studie1 werd uitgevoerd bij 604 patiënten met een matige RA die eerst werden behandeld met metotrexaat en daarna met metotrexaat in combinatie met een biologisch geneesmiddel en bij wie de RA in remissie was of weinig actief (lage DAS28-score). De patiënten werden gerandomiseerd naar metotrexaat alleen of voortzetting van het biologische geneesmiddel in halve dosering of volle dosering. 1 jaar later was het remissiepercentage respectievelijk de 29,4%, 60,2% en 66,7%. De kosten per gewonnen QALY met het biologische geneesmiddel in halve dosering bedroegen € 14 000 tot 22 000, wat doorgaans als aanvaardbaar wordt beschouwd (cut-offwaarde: € 50 000). De strategie met de helft van de dosering is kostenefficiënt in vergelijking met de volle dosering: ze is even efficiënt en kost minder op lange termijn (besparing van 3000 tot 6300 euro). In die omstandigheden lijkt een verlaging van de dosering de beste strategie bij een matige RA en een goed compromis tussen een volledige dosering (duur) en een volledig stopzetten van de behandeling (houdt een risico op verergering in).