Basisbehandeling van reumatoïde artritis: metotrexaat of hydroxychloroquine?
Metotrexaat is de eerstelijnstherapie bij een beginnende reumatoïde artritis (RA). RA gaat gepaard met een hoger cardiovasculair risico. Voorzichtigheid is dan ook geboden bij het voorschrijven van een behandeling die dat risico nog zou verhogen via dyslipidemie bijvoorbeeld. Wat te denken van hydroxychloroquine?
De auteurs van deze studie1 hebben het effect van hydroxychloroquine op de serumlipiden vergeleken met dat van andere DMARD's (Diseases Modifying Antirheumatic Drug) bij patiënten met een RA die werd gediagnosticeerd tussen 2001 en 2012. Alle monotherapieën of combinatietherapieën werden geanalyseerd: TNF-alfa-antagonist + niet-biologisch DMARD, metotrexaat of hydroxychloroquine. 36% van de 17 145 patiënten werd behandeld met metotrexaat, 36% met hydroxychloroquine, 12% met een ander DMARD en 6% met een biologisch geneesmiddel. 364 patiënten hebben een hyperlipidemie ontwikkeld. De HR van optreden van hyperlipidemie was 1,41 met TNF-alfa-antagonisten, 0,81 met hydroxychloroquine en 1,33 met andere DMARD's in vergelijking met metotrexaat. Dat wijst erop dat het risico op hyperlipidemie lager is met hydroxychloroquine (- 19%). Het betreft evenwel maar een tendens: het verschil was niet statistisch significant. Met hydroxychloroquine daalden de totale cholesterol, de triglyceriden en de LDL-cholesterol significant in vergelijking met metotrexaat.
Een beter cardiovasculair profiel met hydroxychloroquine
Volgens de auteurs ondersteunen die resultaten de uitgangshypothese, meer bepaald dat hydroxychloroquine een gunstig effect heeft op het cardiovasculaire risicoprofiel bij patiënten met RA.