Totale knieprothese: bijna de helft van de patiënten bloedt onder warfarine
In deze nieuwe studie bedroeg de frequentie van complicaties na plaatsing van een gecementeerde totale knieprothese 42% bij patiënten die werden behandeld met warfarine, hoewel die behandeling geïndiceerd was volgens de richtlijnen van het American College of Chest Physicians.
Antistolling of niet is altijd een heikel punt bij plaatsing van een heup- of knieprothese. Hoe moet je de behandeling met anticoagulantia (vitamine K-antagonisten of laagmoleculaire heparines) regelen? Welke dosering moet je geven en welk toedieningsschema? Deze retrospectieve studie1, die werd gepresenteerd op het congres van de AAOS, heeft de morbiditeit en de frequentie van complicaties onderzocht bij 38 patiënten bij wie een totale knieprothese werd geplaatst en die al lang met warfarine werden behandeld. Bij alle patiënten werd de antitrombotische behandeling aangepast volgens de richtlijnen van het American College of Chest Physicians (ACCP). Elke patiënt werd vergeleken met een controlegroep van 76 patiënten die een tromboprofylaxe kregen met een LMWH. De patiënten die tussen 2004 en 2011 werden gerekruteerd, waren oud en liepen volgens dr. Hamadouche dus een hoger risico op comorbiditeit. De auteurs hebben een resem parameters geëvalueerd zoals het gebruik van een knelband, de duur van het ziekenhuisverblijf, de transfusienood, het bloedverlies, de redenen voor heringreep, de tijd tot heling en de INR bij de follow-up van de behandeling met warfarine. De vitamine K-antagonist werd onderbroken 5 dagen voor de operatie en de patiënten werden dan overgeschakeld op enoxaparine 1 mg/kg 2x/d met een laatste dosis 24 uur voor de operatie. Warfarine werd hervat 48-72 uur na de operatie en enoxaparine werd gestaakt zodra de INR > 2 was.
42% complicaties met warfarine
De frequentie van complicaties was 42% in de warfarinegroep en 7% in de controlegroep. Er was ook 2x meer bloedverlies in de warfarinegroep, waardoor 66% van de patiënten een transfusie heeft gekregen (0% in de controlegroep) en waardoor het ziekenhuisverblijf 2 dagen langer duurde. 21% van de patiënten in de warfarinegroep moest opnieuw worden geopereerd voor evacuatie van hematomen tegen 5% in de controlegroep. De auteur schrijft die hoge frequentie van bloedingen met warfarine toe aan het kleine aantal patiënten, onvoldoende naleven van de richtlijnen van het ACCP en een moeilijke stabilisering van de INR voor en na de operatie.