Diagnose van idiopathische inflammatoire myopathieën
De diagnose van idiopathische inflammatoire myopathie gaat er significant op vooruit met de opsporing van specifieke auto-antilichamen. Toch blijven biopsie en histologie de doorslag geven als we een spierdystrofie en een metabole myopathie willen uitsluiten.
Idiopathische inflammatoire myopathieën (IIM) zijn niet-erfelijke auto-immuunziekten, met een geschatte prevalentie van 6 tot 7/100.000 personen. Gewrichtsaantastingen gaan de myopathie (spierzwakte, myalgie) vaak vooraf. Ze kunnen plots of progressief optreden, reeds tijdens de kindertijd of op volwassen leeftijd. De diagnose gebeurt op basis van het klinisch beeld, meer bepaald in geval van dermatomyositis. Afgezien van dit specifieke geval moet een associatie van myalgie, spierzwakte, verhoogde spierenzymen en een inflammatoir syndroom aan de diagnose doen denken en aanzetten tot verder onderzoek (auto-antilichamen, MRI).
(referentie : Lazarou IN et al. J Rheumatol. 2013; doi:10.3899/jrheum.120682)
Lees een uitgebreid verslag hierover in de volgende uitgave van de Specialistenkrant MBJ