Behandeling van pijn na artroplastiek
Postoperatieve analgesie is noodzakelijk om fysiotherapie mogelijk te maken. De basisbehandeling bestaat uit paracetamol en NSAIDs, bij voorkeur oraal toegediend. Moest het absoluut noodzakelijk zijn kan men daar nog opioïden aan toevoegen. De arts moet de patiënt ook van nabij opvolgen om de resultaten te evalueren.
Pijn na een knie-artroplastiek is van hetzelfde type als acute pijn door een overmaat aan nociceptieve signalen. Hierbij zijn een hele reeks receptoren betrokken, niet alleen perifere nociceptoren maar ook mechanoreceptoren die een hyperstimulatie ondergaan. Het risico is niet denkbeeldig dat zo'n acute postoperatieve pijn chronisch wordt (2 tot 10% van de geopereerden). Deze kan snel een invaliderend karakter krijgen, en is des te ernstiger als hij bij aanvang slecht onder controle gebracht werd. De behandeling gebeurt bij voorkeur per os, en in ieder geval nooit parenteraal.
(naar een mededeling van Dr. Bernard Le Polain, anesthesioloog, tijdens de 7ème Journées d'orthopédie van de UCL)
Lees een uitgebreid verslag hierover in de volgende uitgave van de Specialistenkrant MBJ