Jicht, actueler dan ooit!
Verrassend genoeg publiceerde de American College of Rheumatology in de 78 jaar van haar bestaan nooit officiële aanbevelingen voor het acute en chronische beleid bij jicht.
Die lacune is nu toch opgevuld. Want in het tijdschrift Arthritis Care and Research verschenen uitgebreide guidelines in twee delen. Een deel is gewijd aan de farmacologische en niet-farmacologische benadering van de aandoening. Het tweede deel is gericht op de preventie van een jichtaanval bij het instellen van een behandeling die de concentratie urinezuur moet reguleren.
De basis
Voor het panel deskundigen zijn een familiale en persoonlijke anamnese, een zorgvuldig uitgevoerd klinisch onderzoek en het inzetten van medische beeldvorming van essentieel belang omdat ze de therapeutische keuze zullen bepalen. Die hangt namelijk af van de aanwezigheid en de intensiteit van de gewrichtssymptomen, de frequentie van de jichtaanvallen, de uitbreiding van de gewrichtsaantasting (synovitis, aantal en omvang van de tophi, aantal getroffen gewrichten) en het al dan niet aanwezig zijn van comorbiditeit (hart, nieren...).
Basisbehandeling
Een behandeling om de concentratie aan urinezuur te verminderen is aangewezen voor elke patiënt met twee of meer pijnlijke aanvallen per jaar bij wie één of meer gewrichtstophi aanwezig zijn, die chronisch nierfalen vertoont en/of een voorgeschiedenis heeft van recidiverende nefrolithiase.
Behandeling van de aanval
De behandeling van een jichtaanval stoelt op vier belangrijke principes. Ten eerste moet ze binnen de 24 uur van start gaan. Ten tweede mag men een bestaande chronische behandeling niet stopzetten. Ten derde valt bij een milde tot matige pijn (< 6 op een schaal van 10) een monotherapie met colchicine, NSAID's of corticosteroïden aan te bevelen. Bij ernstige pijn kan men een bitherapie overwegen. De keuze van de stof wordt overgelaten aan de arts, in functie van het patiëntenprofiel. Ten vierde moet men bij een onvoldoende antwoord binnen de 24 uur voor een andere monotherapie kiezen of overschakelen op een bitherapie.
Profylaxe
Bij het instellen van een chronische behandeling moet men een mogelijke jichtaanval voorkomen door colchicine voor te schrijven (0,5 tot 0,6 mg, 1 tot 2x/ dag). In geval van intolerantie kiest men voor prednisolon (< 10 mg/d). Met die laatste stof moet men wel voorzichtig blijven, en ze alleen voorschrijven als het echt noodzakelijk is. Deze profylactische behandeling houdt men aan tot drie maanden na de regulering van de urinezuurspiegels voor patiënten zonder tophi en tot zes maanden voor patiënten bij wie de aanwezige tophi geleidelijk opgelost raken. De profylaxe blijft echter gehandhaafd zolang er tekens van actieve ziekte aanwezig blijven (onopgeloste tophi).