Een peridurale verlengt de duur van de bevalling weinig of niet

In tegenstelling tot wat nogal eens wordt beweerd, verlengt peridurale pijnstilling de duur van de bevalling niet. Stopzetting van die pijnstilling zodra de baarmoeder van de toekomstige moeder volledig verwijd is, zou een achterhaalde en onvoorzichtige praktijk zijn.
Tot die veeleer geruststellende conclusie zijn vorsers van de school voor geneeskunde van Harvard gekomen. Geruststellend vooral voor de Verenigde Staten, waar de peridurale vaak wordt stopgezet of afgebouwd tegen het einde van de arbeid, vooral als die lang duurt.
De studie werd uitgevoerd bij 400 gezonde primiparae, die een stapsgewijze protocol dienden te volgen. Het eerste gedeelte van de arbeid werd ingezet tijdens peridurale pijnstilling. In een tweede fase werden ze willekeurig ingedeeld in twee groepen: een groep kreeg effectief een pijnstiller en de andere een placebozoutoplossing. Noch de toekomstige moeders noch het medisch personeel wisten of een pijnstiller dan wel een placebo werd toegediend (dubbelblinde studie).
Het verschil in de duur van de tweede fase van de arbeid, zijnde de bevalling, tussen de twee groepen was werkelijk miniem: 52 minuten bij de vrouwen die een peridurale hadden gekregen, en 51 minuten bij de vrouwen in de placebogroep. Ook het percentage spontane vaginale bevalling en de pijnscores waren vergelijkbaar.
De peridurale pijnstilling had evenmin negatieve effecten op de gezondheid van de pasgeborenen. Maar zoals te verwachten was, hadden de vrouwen in de placebogroep meer pijn op het einde van de bevalling.
Dat alles pleit dus voor een peridurale. De hoofdauteur erkent evenwel dat dat punt nog omstreden is en dat verder onderzoek wenselijk is.
(referentie: Obstetrics and Gynecology, 6 oktober 2017, doi: 10.1097/AOG.0000000000002306)