Syndroom van Dravet: cannabidiol verlaagt de frequentie van epilepsieaanvallen

Bij wetenschappelijk onderzoek worden almaar nieuwe eigenschappen van cannabis ontdekt. Na de preventie van dementie en multipele sclerose zou cannabidiol, een van de 60 stoffen die in cannabis zitten, de frequentie van epilepsieaanvallen bij het Dravet-syndroom sterk verlagen. Het Dravet-syndroom is een zeldzame en bijzonder ernstige vorm van epilepsie.
New Yorkse vorsers hebben een klinische studie uitgevoerd in 23 centra in de Verenigde Staten en Europa, waarin ze 120 kinderen en adolescenten met een Dravet-syndroom hebben gerekruteerd. Naast de geneesmiddelen die ze al innamen, kregen de patiënten cannabidiol in vloeibare vorm (20 mg per kg lichaamsgewicht) of een placebo gedurende veertien weken.
Op het einde van de studie was de gemiddelde frequentie van epilepsieaanvallen gedaald van 12,4 tot 5,9 per maand in de groep die werd behandeld met cannabidiol, en van 14,9 tot 14,1 aanvallen per maand in de placebogroep. Bij drie van de patiënten die cannabidiol kregen, zijn de aanvallen volledig verdwenen.
In de cannabidiolgroep zijn vaker lichte of matig ernstige bijwerkingen zoals diarree, braken, vermoeidheid, koorts en slaperigheid opgetreden. Het aantal patiënten dat de studie heeft stopgezet wegens bijwerkingen, was dan ook hoger in de cannabidiolgroep.
Die laatste vaststelling tempert het enthousiasme van de auteurs over de resultaten. Volgens hen mag cannabidiol niet worden gezien als een panacee bij de behandeling van epilepsie, maar als een extra optie voor patiënten met een ernstige epilepsie die niet reageren op de vele behandelingen. Ze voegen er nog aan toe dat andere onderzoeken de veiligheid en de tolerantie van cannabidiol moeten bevestigen (in tegenstelling tot THC heeft cannabidiol geen psychoactieve eigenschappen) en moeten nagaan of de werkzaamheid van cannabidiol kan worden gehandhaafd als de dosering wordt verlaagd.
(referentie: New England Journal of Medicine, 25 mei 2017, DOI: 10.1056/NEJMoa1611618)