Neurologen krijgen langverwachte opslag

Vanaf 1 januari dit jaar mogen neurologen en kinderneurologen meer rekenen voor een consultatie. Ze hebben op die opwaardering wel twee jaar moeten wachten.
Het gaat om een maatregel die in het akkoord artsen-ziekenfondsen van 2015 was opgenomen - voor neurologen en de kinderneurologen samen werd hiervoor 2,8 miljoen euro opzijgezet.
De Technisch-Geneeskundige Raad formuleerde het voorstel begin maart 2015 en dat ontwerp kreeg in september van dat jaar de zegen van de Nationale Commissie en het Verzekeringscomité, maar het duurde tot eind juli 2016 voordat de minister van begroting een advies uitbracht.
Het KB met de aangepaste nomenclatuur verscheen dan eind november in het Staatsblad. Voor neurologen gaat de waarde van het honorarium voor de prestatie 102675 (voor geaccrediteerde artsen, voor niet-geaccrediteerde artsen gaat het om het nummer 102174) van N20 naar N21 - concreet betekent dit dat ze 57,06 euro mogen rekenen (niet-geaccrediteerde artsen: 52,81 euro).
Kinderneurologen gebruiken vanaf 1 januari a.s. het nomenclatuurnummer 103471 (103456 voor niet-geaccrediteerde artsen). Ze mogen daarvoor 68,27 euro (63,39 euro) aanrekenen.
Bij deze prestaties hoort voortaan ook wel (verplicht) het opstellen van een schriftelijk verslag.
Zowel het ASGB als de Bvas klaagden de tergende vertraging aan. Bvas spreekt van een tersluikse besparingsmaatregel. Het vraagt dat dit soort "nutteloze adviezen" geschrapt worden. "De vertegenwoordiger van de minister van begroting was aanwezig op het Verzekeringscomité toen dat de maatregel goedkeurde. Als hij bezwaren had, had hij die dan kunnen laten horen", stelt Marc Moens (Bvas).
Een aantal maatregelen uit hetzelfde akkoord raakten overigens nog steeds niet door de administratieve mallemolen. Geriaters wachten bijvoorbeeld nog steeds op de opheffing van het verbod op het cumuleren van het toezichtshonorarium met een aantal technische verstrekkingen. En het voorstel om het bezoek van de specialist aan een patiënt in het RVT op te waarderen, ligt ook nog stof te vergaren.
PS. Hetzelfde KB specifieert nog dat een neuropediater het onderzoek van een patiënt op E-dienst, aangevraagd door de kinderarts die toezicht houdt, ook mag aanrekenen.