Transcraniële magnetische stimulatie biedt hoop bij autisme
Een team van het Inserm heeft aangetoond dat het mogelijk is om de bewegingen van de blik van een persoon te beïnvloeden met behulp van transcraniële magnetische stimulatie (TMS) van de gyrus temporalis superior (GTS) van de hersenen.
Prof. Monica Zilbovicius en haar collega's dienden op een niet-invasieve en pijnloze manier via de schedel een magnetische impuls toe op de hersenen van de deelnemers. Ze onderzochten met behulp van een oculometrie ('eye-tracking') de veranderingen in de blik die veroorzaakt werden door de remming van de hersenen door de TMS en registreerden op welke manier de deelnemers films bekeken voor en na de remming van de GTS.
De onderzoekers stelden vast dat de blik van de controlepersonen zich significant meer verwijderde van de ogen van de acteurs dan bij de beginmeting. Een remming van de GTS veroorzaakt dus een selectieve en voorbijgaande verstoring van de beweging van de blik van een persoon in de richting van de ogen van een andere persoon.
Tot dusver is de techniek weliswaar alleen gebruikt bij personen zonder ontwikkelingsstoornis. De tests leveren echter een belangrijk 'proof of concept'. De techniek vormt een mogelijke therapeutische optie bij kinderen met een autismespectrumstoornis (ASS). We weten immers dat kinderen met autisme de visuele ruimte op een specifieke manier exploreren, waarbij ze de blik van de persoon die voor hen zit vaak ontwijken.
Dat denkspoor is des te beloftevoller omdat veel kinderen met autisme zowel anatomische als functionele afwijkingen van de GTS vertonen.