Tsunami: een golf van zelfdodingen?

Een posttraumatische stressstoornis kan nog heel wat andere symptomen veroorzaken. Een Zweedse groep heeft een studie uitgevoerd om na te gaan in welke mate de mensen die de tsunami van 2004 hebben overleefd, ruim daarna psychiatrische stoornissen hebben ontwikkeld.
De vorsers zijn nog een stapje verder gegaan. Ze hebben ook onderzocht in welke mate een vooraf bestaande aandoening zou kunnen verergeren of het suïciderisico over een periode van vijf jaar zou kunnen verhogen. Ze hebben daarvoor de gegevens doorgenomen van 8.762 volwassenen en 3.742 kinderen die in meer of min sterke mate waren geconfronteerd met de tsunami die in 2004 heeft plaatsgevonden in Zuidoost-Azië. Ze hebben die gegevens dan vergeleken met die van 864.088 volwassenen en 370.828 kinderen van dezelfde leeftijd, hetzelfde geslacht en hetzelfde sociaal-economische niveau die niet waren geconfronteerd met die catastrofe. De psychiatrische aandoeningen en de zelfdodingspogingen hebben ze teruggevonden in het overeenstemmende Zweedse register. Ze hebben de gegevens ook gecorrigeerd voor de psychiatrische aandoeningen die al bestonden voor de tsunami.
De blootgestelde volwassenen hebben vaker een psychiatrische aandoening ontwikkeld dan de andere: respectievelijk 6,2% en 5,5%, een stijging van het risico met factor 1,21. Het ging daarbij vooral om een toename van aan stress gerelateerde aandoeningen (stijging met 127%) en zelfmoordpogingen (stijging met 54%). Er werd geen toename van angst- of stemmingsstoornissen waargenomen. De stijging van het risico stond volledig los van eventuele vooraf bestaande psychiatrische aandoeningen.
Bij kinderen werd na vijf jaar geen verschil waargenomen tussen de blootgestelde en de niet-blootgestelde kinderen. Het risico op suïcidepogingen en aan stress gerelateerde stoornissen was echter hoger bij de blootgestelde kinderen en adolescenten.
Die studie toont dus aan dat je waarschijnlijk snel een interventie moet starten bij mensen die een zware catastrofe overleven, om de risicopersonen op te sporen en om potentiële stoornissen te voorkomen en te behandelen.