Waarom videospelen verbieden?
Ouders klagen nogal eens omdat hun kinderen te veel bezig zijn met videospelletjes. Misschien weten ze niet dat die spelen positieve effecten hebben, maar ook risico's inhouden.
Verschillende studies hebben een toename van de grijze stof en de activiteit van het striatum aangetoond. Wetenschappelijke studies bij de mens en bij ratten hebben aangetoond dat er een negatieve relatie bestaat tussen de grijze stof van het striatum en de hippocampus.
Canadese vorsers hebben onderzocht of het spelen van videospelen invloed heeft op de leerstrategie. Ze hebben daarvoor het vermogen om uit een labyrint te geraken en de visuele aandacht vergeleken bij 26 spelers van actiespelletjes en 33 spelers van andere spelletjes. De spelers van actiespelletjes slaagden er dankzij hun aanleerstrategieën beter in dan de proefpersonen die geen actiespelletjes speelden: slaagpercentage respectievelijk 80,76% en 42,2%.
Dat strookt met eerdere vaststellingen van een daling van de grijze stof in de hippocampus en een toename van de grijze stof in het striatum. Verschillende studies hebben ook aangetoond dat veel neurologische en psychiatrische aandoeningen zoals dementie worden voorafgegaan door een daling van de grijze stof in de hippocampus. Dat zou dus het risico op ontwikkeling van dergelijke aandoeningen kunnen verhogen.
Tegen dat ze 21 zijn, zullen kinderen gedurende meer dan 10.000 uur dergelijke videospelletjes gespeeld hebben. Per week dus niet minder dan 3 miljard uur. Staat er ons een epidemie te wachten?
Je moet natuurlijke de positieve aspecten zoals het aandachtsvermogen afwegen tegen de negatieve zoals een daling van het volume van de hippocampus.