Depressie en parkinson: een oude relatie
Er bestaat een verband tussen depressie en de ziekte van Parkinson, zoveel is duidelijk. Maar wanneer ontwikkelen parkinsonpatiënten depressieve symptomen? Zweedse onderzoekers zijn dat gaan uitpluizen.
We weten al heel lang dat een depressie en de ziekte van Parkinson samen kunnen voorkomen. De hypothese van de vorsers is dat een depressie een zeer vroeg symptoom van en zelfs een risicofactor voor de ziekte van Parkinson zou kunnen zijn. Ze hebben daarom de gegevens doorgenomen van alle Zweden die in 2005 50 jaar of ouder waren. Tussen 1987 en 2012 werd bij 140.688 personen een diagnose van depressie gesteld. Elke patiënt werd gematcht met drie niet-depressieve controlepersonen van dezelfde leeftijd en hetzelfde geslacht, in het totaal 421.718 controlepersonen.
De deelnemers werden gedurende 26 jaar gevolgd. Tijdens die periode hebben 1.485 patiënten (1,1%) een ziekte van Parkinson ontwikkeld. In de controlegroep werden 1.775 gevallen van parkinson gediagnosticeerd, dus een prevalentie van 0,4%.
De ziekte van Parkinson is gemiddeld 4,5 jaar na het begin van de studie opgetreden, maar de neiging om de ziekte te krijgen verminderde mettertijd. Depressieve patiënten liepen 3,2-maal meer kans om een ziekte van Parkinson te ontwikkelen dan mensen die niet depressief waren. Het risico nam toe met de ernst van de depressie. Patiënten die vijf keer of meer in het ziekenhuis werden opgenomen wegens een depressie, liepen 40% meer kans om de ziekte van Parkinson te krijgen dan patiënten die maar één keer in het ziekenhuis werden opgenomen. Patiënten die in het ziekenhuis werden opgenomen wegens een depressie, liepen 3,5-maal meer kans om een parkinson te krijgen dan depressieve patiënten die niet in het ziekenhuis werden opgenomen.
Het verband tussen depressie en de ziekte van Parkinson bleef overeind, ook na correctie voor andere aandoeningen die verband houden met depressie, zoals een craniaal trauma, een CVA en het gebruik van drugs of alcohol.