CVA: als de genetica er zich mee moeit
Ischemisch of hemorragisch CVA is de op één na belangrijkste doodsoorzaak in onze streken en de op twee na belangrijkste oorzaak van verlies van levensjaren. Welke rol spelen genetische factoren daarbij?
Genetische studies hebben een aantal kandidaat-genen ontdekt die de prevalentie zouden kunnen verklaren. Genoomwijde associatiestudies hebben varianten ontdekt die geassocieerd zijn met een ischemisch CVA. Sequencing van het exoom zou echter ook belangrijke informatie kunnen geven.
Amerikaanse vorsers hebben de gegevens van het National Heart, Lung, and Blood Institute (NHLBI) Exome Sequencing Project (ESP) doorgenomen. Dat project heeft het exoom geanalyseerd van 6.000 mensen met Europese of Afrikaanse voorouders. Binnen die groep waren er 365 patiënten die een ischemisch CVA hadden ontwikkeld, en hebben ze 809 controlepersonen geselecteerd. Er werd een sequencing uitgevoerd van alle monsters. Voor het valideren van die gegevens hebben ze de gegevens van 1.672 gevallen en 4.509 controlepersonen gebruikt. De genotypering werd uitgevoerd tussen 2010 en juni 2012 en de analyses werden uitgevoerd tussen juli 2012 en juli 2013. Het was daarbij de bedoeling nieuwe genen of combinaties te vinden. De vorsers hebben 2 nieuwe genen ontdekt: een gen dat codeert voor het eiwit PDE4DIP, dat een rol speelt bij een membraantransductiesignaal, en een gen dat codeert voor het eiwit ACOT4, dat een rol speelt bij het vetmetabolisme. Mutaties van die genen verdubbelen het risico op CVA. Het valideringsonderzoek bevestigt het belang van ZFHX3 bij een cardiometabool CVA en ABCA1 bij een CVA van de grote bloedvaten.
Die studie heeft dus twee nieuwe genen ontdekt en de werkingsmechanismen ervan ontrafeld. Twee andere studies hebben aangetoond dat varianten van die genen het risico eveneens kunnen verhogen. Voor de vorsers staat het buiten kijf dat de ontdekking van nieuwe metabole wegen ons op het spoor kan zetten van nieuwe voorspellende, profylactische of therapeutische targets.