Vervuiling: mist in de hersenen
Luchtvervuiling zou een rol spelen bij ziekten van het ademhalingsapparaat en hart- en vaataandoeningen. Heeft luchtvervuiling ook schadelijke effecten op het hersenweefsel? Daar was nog niet zoveel over bekend. JAMA Psychiatry heeft daar een overzichtsartikel aan gewijd. U kan het gratis downloaden.
Luchtvervuiling belang iedereen aan. Luchtvervuiling is een risicofactor voor de gezondheid, die perfect kan worden gecontroleerd. Dat zou wereldwijd miljoenen mensenlevens redden. Volgens de Amerikaanse en de Mexicaanse auteur van het artikel moet je de luchtvervuiling meten aan de hand van zes factoren: fijn stof, ozon, stikstofdioxide, zwaveldioxide, lood en koolstofmonoxide. Luchtvervuiling buitenshuis is een mengsel van fijn en ultrafijn stof, gassen en tal van organische en anorganische bestanddelen.
De vorsers maken zich vooral zorgen over fijn en ultrafijn stof. Dat stof geraakt immers door het epitheel, het endotheel en de neuronale barrières. Ook ozon kan volgens de auteurs in interactie treden met andere vervuilende gassen zoals polycyclische aromatische koolwaterstoffen.
De effecten laten zich uiteraard gevoelen tijdens het foetale leven. Luchtvervuiling werd in verband gebracht met afwijkingen van de neurale buis. Het risico houdt aan na de bevalling omdat vervuilende stoffen in de moedermelk worden teruggevonden. Die aromatische vervuilende stoffen zijn krachtige kankerverwekkende stoffen en blootstelling aan die stoffen verhoogt het CRP-gehalte. Volgens de auteurs heeft een chronische systemische ontsteking negatieve invloed op de gezondheid van de patiënten. Die ontsteking zou immers een sleutelrol spelen bij de pathogenese van psychiatrische en neurologische aandoeningen.
Kinderen die sterk worden blootgesteld aan luchtvervuiling, vertonen bijvoorbeeld amyloïdplaten net zoals de platen die worden teruggevonden bij patiënten met een vroege ziekte van Alzheimer. Er is dus dringend nood aan multidisciplinair translationeel onderzoek om de risico's duidelijk te kunnen omschrijven en om de gepaste maatregelen te kunnen nemen om het optreden van mentale en neurodegeneratieve afwijkingen te voorkomen.