To be or not to be... schizophrene?
Scandinavische landen staan werkelijk aan de top inzake epidemiologie. Deense onderzoekers hebben nagegaan of genetische en andere factoren invloed hebben op de etiologie van schizofrenie.
Deense onderzoekers hebben er zich aan gewaagd om het risico op schizofrenie te evalueren naargelang van de polygene risicoscore, de sociaal-economische toestand van de ouders en een familiale voorgeschiedenis van psychiatrische aandoeningen. Voorwaar geen gemakkelijke opdracht. Ook al omdat ze tevens hebben willen nagaan in welk percentage van de gevallen schizofrenie zou kunnen worden vermeden, en welke invloed de familiale achtergrond uitoefent op het individuele genetische risico.
Ze hebben daarvoor een casus-controleonderzoek uitgevoerd uitgaande van Deense populatieregisters. Ze hebben 866 patiënten bij wie tussen 1994 en 2006 een diagnose van schizofrenie was gesteld, vergeleken met 871 controlepersonen. Genetische en sociaal-economische informatie werd gehaald uit neonatale gegevensbanken en nationale registers. Met een meta-analyse bij in het totaal 34.600 patiënten met schizofrenie en 45.968 controlepersonen hebben ze een polygene risicoscore bepaald.
Het risico op ontwikkeling van schizofrenie was 8-maal hoger bij de proefpersonen in het hoogste deciel van de polygene risicoscore dan bij de proefpersonen in het laagste deciel. Schizofrenie correleerde ook met de sociaal-economische toestand (x 8) en een voorgeschiedenis van psychose of schizofrenie (x 4,18). De R2-waarde bedroeg 3,4% voor de polygene risicoscore, 3,1% voor de sociaal-economische toestand en 3,4% voor een familiale voorgeschiedenis. De sociaal-economische toestand en de psychiatrische voorgeschiedenis waren goed voor respectievelijk 45,8% en 25,8% van de gevallen. Er werd een interactie vastgesteld tussen de polygene risicoscore en familiale antecedenten. 17,4% van het effect van een familiale voorgeschiedenis van schizofrenie/psychose werd gemedieerd door de polygene risicoscore.
De auteurs hebben dus een correlatie aangetoond tussen de verschillende onderzochte factoren en hebben die correlatie kunnen becijferen. De vraag is echter hoe je dat in de dagelijkse praktijk kan vertalen.