De link tussen ontsteking en depressie ontsluierd
Als je aanneemt dat er een verband bestaat tussen ontstekingsverschijnselen in de hersenen en het optreden van een depressie, zou je biomarkers moeten kunnen vinden. Dat is wat Canadese vorsers hebben gedaan.
Liggen neuro-inflammatoire verschijnselen ten grondslag aan een depressie in engere zin? Die hypothese is niet nieuw. Bij dieren en bij de mens is een activering van het immuunsysteem tijdens episoden van depressie in engere zin aangetoond. Bij dergelijke patiënten werden ook inflammatoire biomarkers teruggevonden. Er was echter nog niet veel bekend over ontstekingsverschijnselen in het hersenweefsel. Postmortaal onderzoek van patiënten die tijdens hun leven een depressie in engere zin hadden vertoond, geeft immers geen uitsluitsel.
De groep van Toronto heeft de translocator protein density, een marker van neuro-ontsteking gevolgd. Translocator protein is een eiwit van 18 kDa dat fungeert als perifere benzodiazepinereceptor. De expressie van dat eiwit stijgt bij activering van de microglia bij neuro-inflammatoire processen. De auteurs hebben de translocator protein density met een PET-scan gevolgd tijdens episoden van depressie in engere zin.
Ze hebben hun onderzoek tussen 2010 en 2014 uitgevoerd bij 20 patiënten en 20 controlepersonen. De patiënten waren 18 tot 72 jaar oud, rookten niet en waren gezond. Geen enkele proefpersoon vertoonde een auto-immuunziekte en geen enkel was de laatste twee weken voor de meting ziek geweest. De patiënten met een depressie in engere zin kregen sinds minstens zes weken voor de PET-scan geen behandeling meer. De metingen werden vooral uitgevoerd in de prefrontale cortex, de insula en de cortex cingularis anterior.
De translocator protein density in de hersenen was verhoogd bij alle patiënten met een depressie in engere zin. Ze was vooral gestegen in de prefrontale cortex (+ 26%), de cortex cingularis anterior (+ 32%) en de insula (+ 33%). Hoe hoger de translocator protein density, des te ernstiger was de depressie.
De auteurs concluderen dan ook dat activering van de microglia en dus ontsteking een rol spelen bij een depressie in engere zin. Dat betekent dat geneesmiddelen die de activering van de microglia verminderen, doeltreffend zouden kunnen zijn bij patiënten met een depressie in engere zin. Dat opent dus nieuwe sporen voor onderzoek.