Familiale overdracht van suïcidegedrag?
Zelfdoding is één van de belangrijkste doodsoorzaken bij adolescenten. Suïcidepogingen zijn een belangrijke voorspeller. We weten dat er een familiale 'overdracht' is, maar de onderliggende mechanismen zijn nog niet goed opgehelderd. Vorsers hebben geprobeerd die onderliggende mechanismen en de wijze van overdracht van ouder op kind te ontrafelen.
Ze hebben daarvoor prospectief gegevens verzameld van 1997 tot 2012 bij 701 afstammelingen van 10-50 jaar (gemiddeld 17,7 jaar) van 334 ouders met stemmingsstoornissen die een einde hadden gemaakt aan hun leven. De afstammelingen werden gedurende gemiddeld 5,6 jaar gevolgd.
Het primaire eindpunt was het percentage zelfdoding bij de nakomelingen. De gegevens werden verzameld bij de start van de studie, op tussentijdse tijdstippen en dicht bij het moment van de suïcidepoging. De proefpersonen werden geëvalueerd door psychiaters en met gestructureerde interviews om de domeinen te evalueren die mogelijk verband houden met familiale transmissie (stemmingsstoornissen, agressie, impulsiviteit ...).
44 van de 701 proefpersonen (6,3%) hadden voor inclusie in de studie een zelfdodingspoging ondernomen en 29 (4,1%) tijdens de follow-up. Bij multivariate analyse werd aangetoond dat suïcidepogingen van de ouders een voorspellende waarde hadden wat zelfdodingsgedrag bij hun nakomelingen betreft: het risico op suïcidepogingen was 4,79-maal hoger, zelfs na correctie voor andere variabelen zoals een geschiedenis van stemmingsstoornissen en vroegere pogingen. Path-analyse bevestigde dat stemmingsstoornissen en impulsieve agressies een direct effect hebben op suïcidepogingen bij het nageslacht.
De auteurs concluderen dat de kinderen bijna vijf maal meer kans lopen op suïcidegedrag als hun ouders zelfdodingspogingen hebben ondernomen. Ze stellen dat de stemmingsstoornissen moeten worden aangepakt om familiale overdracht van het suïcidegedrag tegen te gaan.