Zoveel zon nodig?
Seizoensgebonden depressie is een bekend fenomeen, maar heeft de zon ook directe invloed op het suïcidegedrag? Een studie in de JAMA Psychiatry probeert daar een antwoord op te geven.
Suïcidegedrag wordt beïnvloed door de hoeveelheid zon en licht tijdens de seizoenen. Er kunnen echter nog andere weersomstandigheden meespelen. Het ritme van de seizoenen kan ook invloed hebben op de sociale verhoudingen, wat een verklaring zou kunnen vormen voor de schommelende incidentie van suïcidegedrag.
Oostenrijkse vorsers hebben een retrospectieve analyse uitgevoerd tijdens de periode 1970-2010 om het effect van de zon alleen op het suïcidegedrag te evalueren. In het totaal hebben ze 69.462 gevallen van zelfdoding geanalyseerd. De gegevens werden berekend volgens de gemiddelde hoeveelheid zonlicht per dag uitgedrukt in uren. Die gegevens werden verzameld door 86 weerstations. Daarna hebben ze het aantal zelfdodingen per dag en de hoeveelheid zon per dag bepaald volgens het seizoen om onafhankelijke correlatiefactoren te verkrijgen.
Er werd een nauw verband waargenomen tussen het aantal uren zon en het aantal zelfdodingen per dag. Een grotere hoeveelheid zon tot tien dagen voor de feiten zou zelfdoding in de hand werken. Op korte termijn blijkt de zon dus gevaarlijk te zijn. Maar op lange termijn, van 14 dagen tot twee maanden na de zon werd een negatieve correlatie vastgesteld tussen het aantal uren zon en het aantal zelfdodingen.
Een mogelijke verklaring daarvoor is volgens de auteurs het serotoninerge systeem. Dat heeft invloed op de gemoedsstemming en de impulsiviteit, die een rol kunnen spelen bij het suïcidegedrag. Interessant is voorts dat de negatieve effecten op korte termijn belangrijker zouden zijn bij vrouwen, terwijl de langetermijneffecten van de zon belangrijker zouden zijn bij mannen.
Dat is dus een interessante studie omdat ze aantoont dat de hoeveelheid zon invloed kan hebben ongeacht het seizoen. Toch zijn de resultaten een verrassing: de zon zou goed en slecht zijn. Prospectieve studies zijn dus wenselijk om die resultaten te bevestigen of te ontkrachten.