Een beetje botox? (APA 2014)

Botuline is een toxine die eerst werd gebruikt om anale fissuren te behandelen en daarna om rimpels te doen verdwijnen. Het indicatieterrein werd vervolgens uitgebreid tot blaasstoornissen en bepaalde vormen van migraine. Volgens een studie die werd gepresenteerd op het congres van de APA, zou botulinetoxine ook een behandeling kunnen zijn voor depressie.
De studie werd in postervorm gepresenteerd door Tillmann Kruger en Axel Wollmer. Ze zijn op dat idee gekomen omdat het gezicht van depressieve patiënten vaak een bepaalde spanning vertoont en omdat ze hadden horen zeggen dat patiënten die met botox werden behandeld, zich beter voelden. De Duitse vorsers noemden hun theorie 'de theorie van gezichtsfeedback'. De hypertonie van de gezichtsspieren zou retroactief inwerken op de hersenen en een lus van positieve activiteiten induceren. Dat resulteert in een vicieuze cirkel waarbij elke prikkel de andere versterkt. Botulinetoxine en vooral het type A heeft een neurotoxisch effect op de motorische zenuwen en veroorzaakt een slappe paralyse. De injecties moeten om de zes maanden ongeveer worden herhaald.£
De vorsers hebben een kleine placebogecontroleerde studie uitgevoerd om het effect van de behandeling bij depressie te evalueren. Ze hebben daarvoor 30 patiënten met een depressie in engere zin gerandomiseerd naar een behandeling met botox of injectie van een placebo ter hoogte van de glabella. Het resultaat was indrukwekkend. Volgens verschillende evaluatieschalen waren de symptomen van de depressie met 47% verminderd. Ongeveer twee derde van de patiënten reageerde goed op de behandeling. Zeer interessant is dat de mate van agitatie van de patiënt voor de behandeling een voorspellende waarde had wat de respons op de behandeling betreft.
Het spreekt voor zich dat injecties van botulinetoxine andere behandelingen niet kunnen vervangen, maar veel specialisten vinden dat toch een nieuwe behandelingswijze, die zeer nuttig zou kunnen blijken bij een depressie die erg moeilijk te behandelen is. De resultaten die op het congres van de APA werden gepresenteerd, werden inmiddels al bevestigd in twee gerandomiseerde klinische studies.