Kan de levenskwaliteit bij depressie met insomnia beter?
Cognitieve gedragstherapie voor insomnia blijkt doeltreffend bij patiënten met depressie en slapeloosheid. De impact op de levenskwaliteit werd hierbij nog niet grondig bestudeerd.
Ondanks farmacotherapie verhindert de insomnia vaak volledige remissie van de depressie. Een korte cognitieve gedragstherapie bovenop de gebruikelijke therapie kan zowel de insomnia als de depressie verbeteren in vergelijking met de gebruikelijke therapie alleen, respectievelijk met 50% versus 0% (NNT 2, 95%BI: 1-4) en met 50% versus 6% (NNT 2, 95%BI: 1-5).1
In deze studie kijken de onderzoekers na welke aspecten van de levenskwaliteit door de gedragstherapie worden beïnvloed en hoe deze veranderingen bijdragen tot de reductie van insomnia en depressie.
Kenmerken van de studie
In de studie werden 37 Japanse patiënten met een diagnose van majeure depressie concomitant met chronische insomnia (DSM IV) geïncludeerd. Zij kregen at random de gebruikelijke behandeling alleen of de gebruikelijke behandeling plus psychotherapie namelijk een korte gedragstherapie voor insomnia. De gedragstherapie werd gegeven in individuele sessies viermaal per week.
De gerandomiseerde, gecontroleerde studie duurde vier weken en werd gevolgd door vier weken ambulante follow-up.
Significante resultaten
Voor de impact op levenskwaliteit werd SF-36 baseline en na acht weken vergeleken.
De groepseffecten voor de subschalen van levenskwaliteit werden gecorrigeerd voor de baselinescores. Na acht weken scoorde de gecombineerde behandeling (gebruikelijke therapie plus cognitieve gedragstherapie) significant beter voor fysiek functioneren (p=0,006), sociaal functioneren (p=0,002) en mentale gezondheid (p=0,041). Patiënten bij wie de insomnia of de depressie in remissie waren hadden een hogere levenskwaliteit dan diegenen die niet in remissie waren.