Impact van de DSM-5 op autismespectrumstoornis
Er zijn nog altijd veel vragen over de veranderingen van de DSM-5 in vergelijking met de vorige versie. Sommigen vragen zich af of we, nu de criteria veranderd zijn, geen explosie gaan meemaken van het aantal kinderen waarbij autistische stoornissen worden gediagnosticeerd ..
Amerikaanse vorsers hebben daarom de verschillen tussen de DSM-IV-TR en de DSM-5 doorgenomen om die impact te evalueren. Ze hebben de gegevens geanalyseerd die tussen 2006 en 2008 werden verzameld in het ADDM-netwerk (Autism and Developmental Disabilities Monitoring) in 14 geografische streken in de VS. Alle kinderen van 8 jaar die in die streken wonen, in het totaal 644 883 kinderen, werden in dat netwerk opgenomen. 6577 van die kinderen vertoonden autismespectrumstoornissen volgens de criteria van de DSM-IV-TR. Volgens de criteria van de DSM-5 waren het er dat 5339, dus 19% minder. De distributie tussen jongens en meisjes was in beide gevallen vergelijkbaar. Er werd echter vaker een diagnose van autismespectrumstoornis gesteld bij kinderen met dan bij kinderen zonder intellectuele handicap. Op grond van die resultaten ramen de auteurs de prevalentie van autismespectrumstoornis op 10/1000 volgens de DSM-5 en op 11,3/1000 volgens de DSM-IV-TR.
Volgens die auteurs zou de prevalentie dus lager zijn bij toepassing van de criteria van de DSM-5 dan bij gebruik van de criteria van de vorige versie van de DSM. Dat effect zou echter kunnen verminderen als de diagnostische praktijken in de toekomst zullen worden aangepast om te voldoen aan de nieuwe criteria.