Je kan maar beter rijk zijn als je goede hersenen wil hebben
Dat is de wat pijnlijke vaststelling van auteurs van St. Louis in de JAMA Pediatrics, maar de studie is daarom niet minder ernstig: rijke kinderen komen er inderdaad beter uit.
De auteurs hebben een groep kinderen prospectief gevolgd met jaarlijks beeldvormingsonderzoeken, gedragstests, psychosociale tests enz. Sommige kinderen werden gevolgd vanaf de leeftijd van 3-6 jaar tot de adolescentie. Het sociaal-economische niveau werd beoordeeld naar het inkomen in verhouding tot de behoeften. De vorsers hebben het volume van de witte stof, de grijze stof, de hippocampus en de amygdala gemeten. Er werd een negatieve correlatie waargenomen tussen die verschillende volumes en armoede. Het blijkt niet de armoede zelf te zijn die maakt dat het hersenvolume kleiner is, maar wel de daaruit voortvloeiende stress. Dat wijst er volgens de auteurs op dat een vroege specifieke interventie de weerslag van armoede op de ontwikkeling van de hersenen zou kunnen tegengaan, maar dat plaatst de gezondheidsverstrekkers uiteraard voor veel praktische problemen.