Goed zichtbare afzettingen
Herhaalde traumata zijn één van de oorzaken van neurodegeneratie, maar er is weinig bekend over acute traumata. Dat was het onderwerp van deze studie.
Er zijn almaar meer epidemiologische aanwijzingen dat er een verband bestaat tussen craniale traumata en de ziekte van Alzheimer. Amyloïdplaten, die pathognomonisch zijn voor alzheimer, worden teruggevonden bij ongeveer 30% van de patiënten die kort na een craniaal trauma zijn overleden. De afzettingen verschijnen al enkele uren na het trauma, ongeacht de leeftijdsgroep. De auteurs hebben ook het nut van een PET-scan met koolstof 11-bestanddeel-B van Pittsburgh (11C-PiB) vergeleken met dat van een tritiumautoradiografie en immunocytochemie op autopsiestukken. Ze hebben drie groepen patiënten vergeleken: patiënten die waren overleden 1 tot 361 dagen na het ongeval, patiënten die waren overleden 3 uur tot 56 dagen na het ongeval, en een controlegroep van patiënten die aan een andere oorzaak waren gestorven. De patiënten met een craniaal trauma vertoonden meer 11C-PiB in de cortex en het striatum dan de controlegroep, maar niet in de thalamus en de witte stof. De autoradiografie was positief op de plaatsen waar de immunocytochemie positief was. Een PET-scan is dus volgens de vorsers zeker nuttig.