Schizofrenie, de weg van de rede...
Bij schizofrenie treden vaak stoornissen van de cognitieve functies op en die kunnen de levenskwaliteit van de patiënten aanzienlijk verminderen. Waarschijnlijk is dat één van de behoeften die nog niet worden gedekt door de huidige farmacologische behandeling. Ook moest het mechanisme ervan nog worden achterhaald.
M ammalian target of rapamycin (mTOR) is een enzym dat een rol speelt bij de celproliferatie, met een metabole weg die essentieel is voor de overleving van de cellen.
Een manusje-van-alles...
Op het congres van de ECNP 2012 werd een nieuwe stap gezet, ditmaal bij de behandeling van cognitieve deficits bij schizofrenie. Het ging weliswaar nog altijd om muizen. Maar het muizenmodel toonde meer dan wat de onderzoekers hadden verwacht. Julie Meffre van het Institut de Génomique de Montpellier (Frankrijk) et al. herinnerden eraan dat de serotoninereceptor 5HT6 zich alleen in de hersenen bevindt. Die receptor speelt een rol bij de cognitieve controle en de pathogenese van psychiatrische stoornissen zoals schizo-frenie en de ziekte van Alzheimer. Er was echter niet veel bekend over de onderliggende signalisatiemechanismen die worden geactiveerd bij het moduleren van de 5HT6-receptor. Daarom werd onderzocht welke eiwitten in interactie treden met die receptor, om zo een nieuwe, aan het signaal gelinkte receptor te kunnen vinden.
De hersenen beschermen?
Nu moest nog worden nagegaan of die remming een rol speelt bij het ontstaan van cognitieve deficits. Bij muizen werd amnesie veroorzaakt door toediening van WAY181187, een 5HT6-agonist, die de cognitieve functies en het geheugen kan verminderen. Wat bij schizofrenie? Ze zijn uitgegaan van een bekend model (injectie van fencyclidine bij pasgeboren jongen). Die injectie veroorzaakt de typische kenmerken van de ziekte bij volwassenen. Door de muizen te behandelen met een rapamycineanaloog konden ze de effecten van WAY181187 tegengaan. Tevens werd in de prefrontale cortex een toename van fosfokinase S6 vastgesteld, een enzym dat de groei en de grootte van de cellen regelt. De studie toonde dus aan dat men mTOR-remmers voor andere doeleinden dan de behandeling van kanker zou kunnen gebruiken. Misschien zou het ook interessant zijn om bij studies met mTOR-remmers voortaan ook het effect van die geneesmiddelen op cognitieve stoornissen te evalueren.