Autisme en metabole aandoeningen
Op 2 april was het Wereld Autisme Dag, een dag waarop aandacht wordt gevraagd voor mensen die met een vorm van autisme leven. Reden om even stil te staan bij het vaak samengaan van autisme met metabole aandoeningen.
Autismespectrumstoornis (ASS) is een breed en heterogeen gegeven dat gaat van mensen met een verstandelijke beperking die niet zelfstandig kunnen leven tot anderen die volledig onafhankelijk zijn. Naast de gekende karakteriële en relationele kenmerken wordt ASS ook geassocieerd met een aantal metabole stoornissen.
ASS en obesitas
Kinderen met autisme zouden, in vergelijking met leeftijdsgenoten, een 58% hoger risico hebben op obesitas, dit vooral tussen de leeftijd van 2 tot 5 jaar en tussen 12 en 17 jaar. Deze trend zet zich voort in het volwassen leven. Autisme wordt ook geassocieerd met hogere percentages van zowel type 1- als type 2-diabetes. De juiste onderliggende etiologie is nog grotendeels onontgonnen gebied.
Naar schatting heeft 46-89% van de kinderen met ASS een moeilijke relatie met voedsel. Er worden vaak afwijkende eetpatronen gezien en er is een grotere selectiviteit wat voedselkeuze betreft, wat door de sensorische (over)gevoeligheid en/of de rigiditeit in het gedrag verklaard kan worden. Daarnaast hebben kinderen en jongeren met autisme vaak lagere niveaus van lichamelijke activiteit, waarbij de soms minder goede motorische coördinatie, maar ook het gebrek aan sociale vaardigheden en interacties een rol kunnen spelen.
Verder zijn er ook de antipsychotica die soms worden gebruikt en die, onafhankelijk, een gewichtstoename en insulineresistentie kunnen veroorzaken.
Moeilijke toegang tot gepaste zorg
Hoewel het neigen naar vaste structuren bij zaken zoals medicatietrouw en monitoring kan helpen, kan het ook een uitdaging vormen wanneer frequente aanpassingen in medicatie nodig zijn, zoals dat vaak bij diabetes het geval is. Daarnaast kan de verhoogde sensorische gevoeligheid het gebruik van bijvoorbeeld glucosesensoren of insulinepompen bemoeilijken.
Verschillen in interoceptief bewustzijn kunnen ook het herkennen van symptomen van hypoglykemie of hyperglykemie verminderen. Mensen met autisme kunnen ziekenhuizen, met het felle licht, de veeleisende sociale interacties en toch vaak ontbrekende continuïteit van zorg, als onaangenaam en overweldigend ervaren. Bovendien zijn zorgverleners zich vaak niet van de problematiek bewust of is er een gebrek aan ervaring wat kan bijdragen tot een suboptimale zorg.
Geïntegreerde zorg
Idealiter zou er een verschuiving moeten plaatsvinden naar geïntegreerde zorg waarbij met alle beperkingen rekening wordt gehouden. Zo zouden de consulten in het kader van metabole aandoeningen of diabetes beter binnen de gespecialiseerde en voor de patiënt gekende diensten kunnen plaatsvinden met personeel dat weet hoe met autisme om te gaan. Het creëren van op maat gemaakte communicaties en gepersonaliseerde leefstijlinterventies is daarbij essentieel.
Daarnaast zou ook onderzoek prioriteit moeten krijgen, want ondanks dat het aantal mensen met autisme én een gelijktijdige metabole aandoening stijgt, ontbreken robuuste gegevens om het verband tussen ASS en metabole ziekten echt te begrijpen en de zorg adequaat aan te passen.
Referentie:
The Lancet Diabetes Endocrinology. World Autism Awareness Day: autism and metabolic health. Lancet Diabetes Endocrinol. 2026 Apr 1: S2213-8587(26)00079-3. doi: 10.1016/S2213-8587(26)00079-3.