Vandenbroucke wil dat langdurig zieken nog maximaal 6 maanden flexi-job uitoefenen
Langdurig zieken zouden voortaan maximaal zes maanden een flexi-job mogen uitoefenen. Dat staat in een advies van minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) waarover Het Laatste Nieuws vrijdag bericht. Coalitiepartner CD&V wil het systeem volledig verbieden.

Minister Vandenbroucke wil het uitoefenen van een flexi-job voor langdurig zieken beperken tot zes maanden. In de eerste maand dat iemand ziek thuis zit, zou die persoon sowieso geen flexi-job mogen uitoefenen.
De vicepremier zegt in het advies dat het tijdelijk uitoefenen van een flexi-job tijdens een periode van arbeidsongeschiktheid een optie moet blijven. Vandenbroucke ziet het als een instrument en "een nuttige eerste stap" om langdurig zieken opnieuw naar werk te begeleiden.
"Het kan de persoon in kwestie ook energie geven, omdat je terug tussen de mensen komt en je nuttig voelt. Wat het herstel enkel zal bevorderen", zegt Vandenbroucke. Voordat een langdurig zieke aan de slag gaat als flexi-jobber heeft die wel altijd toestemming nodig van een adviserend arts.
Maar coalitiepartner CD&V wil het systeem volledig op de schop. Kamerlid Nathalie Muylle diende daarvoor een wetsvoorstel in. Voor Muylle is de duurzame re-integratie naar de arbeidsmarkt het belangrijkste argument. "We zien in het verhaal van de langdurig zieken dat die duurzame tewerkstelling een heel groot pijnpunt blijft. Een flexi toelaten draagt daar absoluut niet toe bij. Integendeel: een flexi-job is vaak vluchtig en tijdelijk, zonder doorstroomperspectief. Het is de bedoeling om te zien wat zieken wél nog kunnen en hen eventueel progressief weer duurzaam aan de slag laten gaan", zegt Muylle. Zij vindt het advies van minister Vandenbroucke ook "moeilijk te begrijpen in de begrotingscontext van vandaag".