PremiumInfectiologie

Historicus Bruno Strasser over de wegwerpcultuur in de zorg

"Het eerste wegwerpmasker was letterlijk een halve beha"

De opkomst van wegwerpmateriaal in de zorg is het resultaat van geslaagde marketing, een doorgedreven managementlogica, en veiligheids‑ en kostenargumenten die een kritische toets niet doorstaan. Dat stelt wetenschapshistoricus Bruno Strasser.

Erik Derycke - 20 maart 2026

verpleegsters mondmaskers
Amerikaanse verpleegsters maken mondmaskers klaar tijdens de griepepidemie van 1919. Foto: National Archives.

Bruno Strasser vertelde in een lezing voor het Leuven Centre for Health Humanities (LCH²) dat een gehospitaliseerde patiënt in de VS drie keer zoveel afval produceert als thuis; gemiddeld zo'n vijftien kilogram per dag.

Het grootste deel daarvan is medisch materiaal voor eenmalig gebruik: beschermende kleding, maskers, spuiten en instrumenten. De zorgsector is vandaag goed voor naar schatting 5% van het wereldwijde plastic afval.

Al dat wegwerpmateriaal is een vrij recent fenomeen: tot ver in de twintigste eeuw functioneerde de gezondheidszorg in een uitgesproken hergebruikregime. Maskers, instrumenten en andere hulpmiddelen werden geproduceerd om jarenlang mee te gaan, en herhaaldelijk te worden gewassen, gesteriliseerd, en zo nodig gerepareerd. Tijdens de periode van de Spaanse griep (1919) werden bijvoorbeeld in de Verenigde Staten op industriële schaal stoffen maskers klaargemaakt door verpleegkundigen en andere – meestal vrouwelijke – zorgverleners.

Achter de schermen van elk ziekenhuis stond een hele infrastructuur van wasserijen, sterilisatieafdelingen en technische diensten garant voor de veiligheid.

Belangrijk is dat deze technologieën niet ‘primitief’ waren, betoogt Strasser: herbruikbare maskers en textiel werden getest op filtratie en infectiepreventie, en voldeden aan de toenmalige aseptische standaarden. Er zijn geen aanwijzingen dat de artsen van die tijd ontevreden waren over herbruikbare maskers. 

Tot ver in de twintigste eeuw functioneerde de gezondheidszorg in een uitgesproken hergebruikregime

Nieuwe markten

In Strassers boek over mondmaskers onderzoekt hij hoe bedrijven als 3M en Johnson & Johnson in de jaren 50 en 60 van vorige eeuw op zoek gingen naar nieuwe afzetmarkten voor hun non‑woven kunststofvezels zoals polyester en polyproyleen. Deze synthetische vezels waren duurzaam, flexibel en goedkoper te maken dan traditioneel textiel. Strasser dook hiervoor in de bedrijfsarchieven van 3M, medische tijdschriften en publicaties voor ziekenhuisbeheerders.

Hij ontdekte dat bij 3M ontwerpster Sara Little Turnbull mocht experimenteren met diverse toepassingen voor non‑woven kunststofvezels, onder meer een (weinig succesvolle) beha met wegwerp‑inlays. Met non-woven vezels was de cupvorm van een beha makkelijker te produceren dan met traditionele stoffen.

Little suggereerde om hetzelfde productieproces te gebruiken voor stofmaskers en medische maskers. “Het eerste wegwerpmondmasker was dus letterlijk een halve beha”, merkt Strasser op. Het kwam in 1961 op de markt onder de merknaam Aseptex, een samentrekking van ‘asepsis’ en ‘textiel’.

S(c)epsis

De inspanningen van 3M om die maskers te promoten, speelden namelijk handig in op de groeiende bezorgdheid over ziekenhuisinfecties. Artsen werden zich ervan bewust dat infectie niet alleen overgedragen werd via speekseldruppels, maar ook door microben in uitgeademde lucht (aerosols). Omdat de nieuwe kunststofmaskers beter aansluiten dan stoffen maskers, leek het evident dat ze betere bescherming zouden bieden.

Dat leek te worden bevestigd in een onderzoek door dokter Merle Musselman van het College of Medicine van de University of Nebraska: het 3M-masker hield 90% van de microben tegen, tegenover slechts 10% bij een gaasmasker. “We konden ons geen betere publiciteit wensen”, schreef een manager van 3M in een interne memo.

Wat toen niet bekend was, is dat 3M een geheime overeenkomst met dr. Musselman had gesloten. De inhoud daarvan kon Strasser niet terugvinden, maar het doet vragen rijzen over de betrouwbaarheid van zijn studie.

Onafhankelijke studies toonden aan dat wegwerpmaskers niet beter presteerden dan goed ontworpen stoffen maskers. In een onderzoek door de US Army Biological Laboratories scoorde het Aseptex-masker van 3M zelfs het slechtst. Een commentaar in The Lancet stelde in 1964 expliciet dat er geen causaal verband tussen hergebruikte materialen en infecties bestond.

Een ander argument voor wegwerpmateriaal was kostenbesparing. Ook die claim bleek niet hard te maken: 25% van de ziekenhuizen in een onderzoek meldde verhoogde kosten na een overstap naar wegwerpmateriaal en slechts 7% een kostendaling. De (reële) besparingen op schoonmaak en sterilisatie werden vaak tenietgedaan door de oplopende aankoopprijs van nieuwe materialen en investeringen in afvalverwerking en -verbranding.

Machtsinstrument

Strasser stelt dat de verschuiving naar wegwerpmateriaal niet los te zien is van de opkomst van modern ziekenhuismanagement. Voor beheerders zijn disposables namelijk een aantrekkelijk instrument om de logistiek strakker te organiseren én te controleren.

De kosten van disposables zijn ook makkelijker in kaart te brengen dan die van herbruikbare materialen (afschrijving, reiniging, voorbereiding), wat het eenvoudiger maakt om directe kosten rechtstreeks door te rekenen aan ziekteverzekeraars. In die context droomden sommige beheerders, zoals Sidney Peimer van Sinai Hospital in Detroit, zelfs van een ziekenhuis waarin elk hulpmiddel – van maskers en beddengoed tot instrumenten – wegwerpbaar en dus aanrekenbaar was.

Disposables functioneerden zodoende als een instrument voor machtsuitoefening: de controle over medische materialen verschoof van onderhouds- en zorgafdelingen naar de inkoopafdeling. Dit maakte ziekenhuizen echter structureel afhankelijk van externe leveranciers, zoals pijnlijk duidelijk werd tijdens de covid-19-pandemie. Veel ziekenhuizen bleken toen volledig te vertrouwen op just‑in‑time leveringen van beschermingsmiddelen uit een beperkt aantal productiegebieden.

Tijdens de pandemie leek het wel alsof 'een zwart gat' alle kennis en know-how over herbruikbare maskers had opgeslokt

Tijdens de pandemie leek het wel alsof 'een zwart gat' alle kennis en know-how over herbruikbare maskers had opgeslokt. Overheden en onderzoekers verspilden tijd en geloofwaardigheid bij het herontdekken van de technische eisen voor een goed herbruikbaar masker.

Strasser wees op nog een nadeel van die verdwenen kennis. In Delhi worden naar schatting tienduizenden wegwerpspuiten per dag uit ziekenhuisafval gevist, rudimentair schoongemaakt en opnieuw verkocht, wat aanzienlijk bijdraagt aan transmissie van hepatitis B en hiv. "Juist omdat het om “wegwerp” gaat, ontbreekt de passende infrastructuur en kennis, waardoor hergebruik bijzonder risicovol wordt."

Er zijn ook gevolgen voor tevredenheid en motivatie. Ziekenhuismedewerkers die verantwoordelijk waren voor reiniging en sterilisatie konden trots zijn op hun expertise en ervaring. Voor mensen die afval verzamelen, vervoeren en verbranden is er daarentegen weinig sociale waardering. “Hoe meer we weggooien, hoe minder erkenning er is voor het werk dat nodig is om dat afval “onzichtbaar” te maken.”

Strasser pleit niet voor een terugkeer naar een systeem waarin alles hergebruikt wordt. Volgens hem is het wel tijd dat we ons afvragen welke medische hulpmiddelen – mits goed ontwerp en robuuste sterilisatieprocedures – opnieuw herbruikbaar kunnen worden gemaakt zonder in te boeten op patiëntveiligheid.

Is het niet beter te investeren in lokale capaciteit en expertise voor wassen, steriliseren en herstellen? De relatie tussen duurzaamheid en infectiepreventie verdient diepgaander onderzoek dan de simplistische stelling dat alleen wegwerpmateriaal veilig is, besluit hij.

 Bruno Strasser The Mask

>> Wetenschapshistoricus Bruno Strasser is hoogleraar aan de Universiteit van Genève en buitengewoon hoogleraar voor History of Medicine aan Yale University. Zijn boek The Mask: A History of Breathing Bad Air (Yale University Press, 2025), stond op de “ten essential reads” van 2025 van het tijdschrift Nature.

 

Wat heb je nodig

Krijg GRATIS toegang tot het artikel
of
Proef ons gratis!Word één maand gratis premium lid en ontdek alle unieke voordelen die wij u te bieden hebben.
  • digitale toegang tot de gedrukte magazines
  • digitale toegang tot Artsenkrant, De Apotheker en AK Hospitals
  • gevarieerd nieuwsaanbod met actualiteit, opinie, analyse, medisch nieuws & praktijk
  • dagelijkse newsletter met nieuws uit de medische sector
Heeft u al een abonnement? 

Meer weten over

Print Magazine

Recente Editie
14 april 2026

Nu lezen

Ontdek de nieuwste editie van ons magazine, boordevol inspirerende artikelen, diepgaande inzichten en prachtige visuals. Laat je meenemen op een reis door de meest actuele onderwerpen en verhalen die je niet wilt missen.

In dit magazine