Dolutegravir/lamivudine als eerstelijnstherapie bij adolescenten

Op het congres van de IAS 2023 zijn de resultaten van de DANCE-studie gespresenteerd. Deze onderzocht de virologische werkzaamheid en de veiligheid op lange termijn van een tweevoudige combinatietherapie met dolutegravir en lamivudine bij tieners die nog geen antiretrovirale behandeling kregen.
De DANCE-studie is een lopende, multicentrische, open fase 3b-studie met één behandelingsgroep, die een tweevoudige combinatietherapie met dolutegravir en lamivudine in één tablet heeft onderzocht bij adolescenten van 12 tot 18 jaar die nog geen antiretrovirale behandeling hadden gekregen. De viruslast bij inclusie in de studie lag tussen 1000 en 500 000 kopieën/ml. De studie is uitgevoerd bij 32 patiënten van gemiddeld 17 jaar in Thailand, Zuid-Afrika en Kenia (66% mannen, 59% van Aziatische origine en 41% van Afrikaanse origine). 47% van de patiënten had bij inclusie in de studie een viruslast van 10 000 tot 100 000 kopieën/ml en 28% had een viruslast hoger dan 100 000 kopieën/ml.
Gegevens over de virologische werkzaamheid na een follow-up van 96 weken:
- 69% van de patiënten (22/32) had een onmeetbaar lage viruslast (< 50 kopieën/ml) (analyse volgens het principe van intentie tot behandelen).
- Dat resultaat moet echter worden gecorrigeerd. Van 7 patiënten beschikten de auteurs niet over de gegevens na 96 weken doordat het centrum, dat die patiënten volgde, werd gesloten wegens non-conformiteit. Na exclusie van de gegevens van die patiënten bedroeg het percentage patiënten met een onmeetbaar lage viruslast 88% (22/25).
- Het gemiddelde aantal CD4-cellen is gestegen van371,2/mm³ bij inclusie naar 682/mm³ na 96 weken.
- Slechts bij 1 patiënt is een geobjectiveerde virologische mislukking na 72 weken vastgesteld (3752 kopieën/ml en 210 kopieën/ml na 4 weken). Bij inclusie vertoonde het virus geen resistentiemutatie en is er ook geen resistentiemutatie opgedoken tijdens de behandeling. De patiënt werd verder behandeld en vertoonde na 84 en 96 weken een onmeetbaar lage viruslast.
Het veiligheidsprofiel was vergelijkbaar met wat is vastgesteld in studies bij volwassen patiënten. 91% van de patiënten heeft bijwerkingen ontwikkeld, maar meestal ging het om graad 1- of graad 2-bijwerkingen.
Eén patiënt heeft de behandeling stopgezet wegens depressie en zelfmoordgedachten en een andere wegens een daling van de glomerulusfiltratiesnelheid, de enige aan de behandeling gerelateerde bijwerking, waarvoor de behandeling werd stopgezet.
Volgens die gegevens na 96 weken follow-up is een tweevoudige combinatietherapie met dolutegravir en lamivudine virologisch doeltreffend. De behandeling wordt goed verdragen en er is een hoge resistentiebarrière bij toediening aan adolescenten die nog geen behandeling hebben gekregen. De studies uitgevoerd bij adolescenten en volwassenen bevestigen dus het nut van een tweevoudige combinatietherapie met dolutegravir en lamivudine als eerstelijnstherapie bij adolescenten.
Ref.: Puthanakit T. et al. E-poster B8, track B, IAS 2023, Brisbane.