Voetulcera en prognose van diabetespatiënten

Een Schotse groep heeft de gegevens doorgenomen van 233.459 patiënten met diabetes (type 2-diabetes in 90 % van de gevallen) in Schotland die op 1 januari 2012 in leven waren.
De kenmerken van de patiënten werden opgezocht in de dossiers van ziekenhuisopnames gekoppeld aan de overlijdenscertificaten. De correlatie tussen die kenmerken, het optreden van voetulcera en de overleving zonder amputatie werd geëvalueerd met Cox-regressieanalyse. Ter herinnering, de overleving zonder amputatie wordt beschouwd als een marker van effectiviteit van de zorg bij diabetespatiënten.
Bij inclusie vertoonden 13.093 (5,6%) patiënten een voetulcus. Tijdens de follow-up gaande tot einde november 2017 hebben 9.023 patiënten een eerste voetulcus ontwikkeld, dus een incidentie van 7,8 (95% BI: 7,6-7,9) per 1.000 patiëntjaren. 48.995 patiënten zijn gestorven en bij 2.866 is een kleine (met behoud van het enkelgewricht) of grote amputatie uitgevoerd.
De belangrijkste factoren die correleerden met een lagere overleving zonder amputatie, waren naast de klassieke cardiovasculaire risicofactoren sociale deprivatie, geestesstoornissen en een te laag lichaamsgewicht.
De sterfte bedroeg 19,6% bij de patiënten zonder voetulcus en 44,5% bij de patiënten met een voetulcus (al bestaande, nieuw of recidief). Het aantal amputaties bedroeg respectievelijk 0,7 % en 9,4%. Het gecorrigeerde risico op amputatie of overlijden bij de patiënten met een voetulcus in vergelijking met de patiënten zonder voetulcus was 2,09 (95% BI: 1,89-2,31) bij type 1-diabetes en 1,65 (95% BI: 1,60-1,70) bij type 2-diabetes.
Moraal van het verhaal, net zoals bij soldaten moeten de voeten van diabetespatiënten goed worden verzorgd. Het volledige artikel is vrij en gratis toegankelijk.