Covid-19: hebben hiv-geïnfecteerde patiënten een derde dosis nodig?

Hiv-geïnfecteerde patiënten met een onmeetbaar lage viruslast en een hoog aantal CD4-cellen hebben waarschijnlijk geen derde dosis van het covid-19-vaccin nodig, volgens een Canadese studie die voor peer review is gepubliceerd. Een andere chronische ziekte, een hoge leeftijd en vaccinatie met het vaccin van Oxford-AstraZeneca zouden argumenten kunnen zijn voor toediening van een derde dosis.
Covid-19-vaccin en hiv: de immuunrespons evalueren
De gezondheidsautoriteiten van veel landen waaronder de Verenigde Staten raden een derde dosis van het covid-19-vaccin aan bij hiv-geïnfecteerde patiënten met een laag aantal CD4+ cellen. Er zijn echter nog niet voldoende stevige gegevens over de immuunrespons op een standaardvaccinatie tegen covid-19 bij hiv-geïnfecteerde patiënten op grond waarvan dergelijke richtlijnen kunnen worden geformuleerd. In de klinische studies met de vaccins van Pfizer en Moderna zijn weinig seropositieve patiënten opgenomen.
Canadese vorsers van de Simon Fraser University (British Columbia) onder de leiding van prof. Zabrina Brumme hebben hun studie uitgevoerd bij 100 hiv-geïnfecteerde patiënten, die in drie hiv-centra in Vancouver werden gevolgd, en 152 seronegatieve controlepersonen, overwegend zorgverstrekkers, die hadden deelgenomen aan een andere studie en van wie 97% was gevaccineerd met het vaccin van Pfizer of Moderna.
De hiv-geïnfecteerde patiënten waren gemiddeld 54 jaar oud: 88% waren mannen en 69% was blank. Alle patiënten kregen een antiretrovirale behandeling en hadden bij een recente meting een viruslast lager dan 50 kopieën/ml. Het mediane aantal CD4+ cellen was 710 en het laagste aantal 280. 83% van de patiënten had twee doses van het vaccin van Pfizer of Moderna gekregen, 8% had twee doses van het vaccin van Oxford/AZ gekregen en 7% had het vaccin van Oxford/AZ en een mRNA-vaccin van Pfizer of Moderna gekregen. Er werd bloed afgenomen voor vaccinatie, een maand na de eerste dosis en een maand na de tweede dosis.
Een derde dosis of geen derde dosis, dat is de vraag.
De belangrijkste resultaten waren:
- Na de eerste dosis van het vaccin was de antistoftiter significant lager bij de hiv-geïnfecteerde patiënten dan in de controlegroep, maar na de tweede dosis was de antistoftiter zeer hoog en nagenoeg vergelijkbaar in de twee groepen.
- Bij multivariate analyse was de antistoftiter na de tweede dosis niet lager bij de hiv-geïnfecteerde patiënten. De antistoftiters waren echter lager bij patiënten met één of meer chronische ziekten en patiënten die twee doses van het Oxford/AZ-vaccin hadden gekregen, en daalden met de leeftijd.
- Belangrijk is dat geen correlatie is teruggevonden tussen het laatste of het laagste aantal CD4+ cellen en de antistoftiter na de tweede injectie.
- Wat de blokkering van de interactie tussen het virus en de ACE2-receptor betreft (verplaatsing van ACE2), die was na de tweede dosis vergelijkbaar in de twee groepen. Bij multivariate analyse correleerden een hogere leeftijd, chronische comorbiditeit en injectie van twee doses van het Oxford/AZ-vaccin met een zwakkere blokkering.
- De immuunrespons na de eerste dosis van het vaccin was altijd lager bij de hiv-geïnfecteerde patiënten, maar niet meer na de tweede dosis. Dat wijst erop dat hiv-geïnfecteerde patiënten een wat minder robuuste immuunrespons ontwikkelen na de eerste dosis. Dat houdt dus in dat die patiënten de twee doses van het vaccin met het aanbevolen interval moeten krijgen.
Een derde dosis bij welbepaalde patiëntengroepen
De onderzoekers concluderen dat hiv-geïnfecteerde patiënten met een onmeetbaar lage viruslast en een hoog aantal CD4+ cellen meestal geen derde dosis van het vaccin nodig hebben, maar in geval van een hogere leeftijd, chronische comorbiditeit en vaccinatie met twee doses van het Oxford/AZ-vaccin kan eventueel toch een derde dosis worden overwogen.
Een laag aantal CD4+ cellen blijkt de immuunrespons niet te belemmeren, maar de auteurs waarschuwen dat maar twee patiënten in de studie minder dan 250 CD4+ cellen/mm³ hadden. Verder onderzoek is dus nodig om de respons op het vaccin te evalueren in die groep. Voor zover nu bekend, zou die groep ook baat kunnen vinden bij een derde dosis.
Ref.: Brumme Z. et al. Med RXiv, gepubliceerd op 04/10/2021, vrij toegankelijk op de website