Osteoporose bij hiv-geïnfecteerde patiënten niet enkel toe te schrijven aan daling botdichtheid

Een groep vorsers van het universitaire ziekenhuis van Aarhus, Denemarken, heeft een zeer uitgebreide meta-analyse uitgevoerd, die aantoont dat het risico op broosheidsfractuur door osteoporose verhoogd is bij behandelde hiv-geïnfecteerde patiënten. Dat kan volgens de auteurs echter niet alleen worden toegeschreven aan de daling van de botdichtheid.
Het verband tussen osteoporose en hiv-infectie
Dankzij de huidige antiretrovirale middelen is de levensverwachting van hiv-geïnfecteerde patiënten nu meestal gelijk of nagenoeg gelijk aan die van de algemene bevolking. Dat maakt dat preventie en behandeling van leeftijdsgebonden aandoeningen en ziektes zoals osteoporose en de daaruit voortvloeiende broosheidsfracturen almaar belangrijker worden bij de zorg van die patiënten. Om een beter beeld te krijgen van de gezondheid van het bot van hiv-geïnfecteerde patiënten, hebben dr. Jakob Starup-Linde en medewerkers van het universitaire ziekenhuis van Aarhus de literatuur daaromtrent uitgepluisd en een grote meta-analyse uitgevoerd. In de wetenschappelijke literatuur tot en met 2018 hebben ze bijna 150 publicaties over dat onderwerp teruggevonden, waarvan ze er 87 hebben gehandhaafd voor hun meta-analyse.
Daling botdichtheid niet de enige schuldige
Na analyse van honderd en een gegevens hebben de auteurs twee wel erg boeiende vaststellingen gedaan. Ten eerste, de stijging van de prevalentie van wervelfracturen die in deze meta-analyse werd waargenomen, kon niet alleen worden toegeschreven aan de daling van de botdichtheid. Een daling van de botdichtheid verklaarde een stijging van de prevalentie met hooguit 15%. Er moeten dus nog andere factoren meespelen. De auteurs steken een beschuldigende vinger uit naar het hiv zelf en bepaalde antiretrovirale middelen. Dat zijn dan ook risicofactoren voor osteoporose, die we niet kennen of onderschatten.
Ten tweede, de botdichtheid was niet significant lager bij de hiv-geïnfecteerde patiënten dan in de hiv-negatieve populatie van dezelfde leeftijd, maar het percentage mensen met een zeer sterke en snelle daling van de botdichtheid was hoger bij de hiv-geïnfecteerde patiënten. Dat alles laat vermoeden dat het virus directe invloed heeft op de gezondheid van het bod. Dat strookt overigens met recente ontdekkingen van de groep van dr. Isabelle Maridonneau-Parini (INSERM, Toulouse), die heeft aangetoond dat het hiv ook de osteoclasten infecteert. Hiv-geïnfecteerde osteoclasten worden hyperactief en breken het botweefsel meer af.
Ideeën voor betere aanpak van het broze beenderstelsel
In hun conclusies stellen de vorsers dat hun bevindingen implicaties hebben voor de zorg die wordt verstrekt aan hiv-geïnfecteerde patiënten. Ze formuleren dan ook een rist suggesties om de gezondheid van het bot bij hiv-geïnfecteerde patiënten te verbeteren.
- Follow-up door middel van DXA-beeldvorming en de FRAX.
- Screening is raadzaam bij mannen van 50 jaar en ouder en bij gemenopauzeerde vrouwen. DXA-beeldvorming wordt ook aanbevolen vanaf de leeftijd van 40 jaar bij mensen die een zeer hoog risico lopen om een broosheidsfractuur op te lopen, zoals patiënten met een voorgeschiedenis van aids.
- Een specifieke behandeling voor osteoporose is geïndiceerd bij een T-score van - 2,5 of lager, een voorgeschiedenis van heupfractuur of broosheidsfractuur en een hoge FRAX-score.
- In voorkomend geval is een behandeling met alendronaat of zoledronaat geïndiceerd.
- Wat de antiretrovirale behandeling betreft, TDF zou moeten worden vervangen door TAF, maar eigenlijk is het nog beter noch TAF noch TDF voor te schrijven, maar veeleer een nieuwe tweevoudige combinatietherapie op basis van dolutegravir.
- Het is ook belangrijk de risicofactoren aan te pakken: rookstop, minder alcohol drinken, correcte en volledige voeding, meer lichaamsbeweging en het gebruik beperken van slaapmiddelen, anxiolytica en andere geneesmiddelen die invloed kunnen hebben op de waaktoestand, de motoriek en de gevoeligheid, teneinde het risico op vallen en dus op fracturen te verkleinen.
Ref.: Starup-Linde J et al. Journal of AIDS 2020; 83: 1-8.