Opsporing van colorectale kanker bij hiv-patiënten

Hiv-geïnfecteerde patiënten die worden behandeld, leven nu bijna even lang als de algemene bevolking. De prevalentie van colorectale kanker stijgt met de leeftijd. Wat dan met de opsporing van colorectale kanker bij hiv-geïnfecteerde patiënten? Een studie, die recentelijk in het tijdschrift Journal of AIDS werd gepubliceerd, geeft stevige informatie over de frequentie, de toegankelijkheid, het ontdekte aantal adenomen en kankers en de impact van de toestand van het immuunsysteem.
De studie werd tussen 2006 en 2016 uitgevoerd bij 3.177 hiv-geïnfecteerde patiënten van 50 tot 75 jaar die werden behandeld. Die patiënten werden vergeleken met 29.219 niet-seropositieve mensen. Geen enkele van de proefpersonen had al een screening op colorectale kanker ondergaan bij inclusie in de studie.
Eerste vaststelling: geen verschil in de toegang tot screening, integendeel, het aantal patiënten dat werd gescreend op colorectale kanker, was significant hoger bij de hiv-geïnfecteerde patiënten (85,6%) dan bij de niet-seropositieve patiënten (79,1%).
Tweede vaststelling: geen verschil in het aantal adenomen (respectievelijk 19,6% en 22,6%) en colorectale kankers (respectievelijk 0,5% en 1%) dat kon worden gedetecteerd. Een hiv-infectie blijkt geen bepaalde impact te hebben op de frequentie van adenomen en colorectale kanker. Een daling van het aantal CD4-cellen correleerde niet met een hogere waarschijnlijkheid van adenoom of colorectale kanker.
Ref.: Lam JO et al. J of AIDS 2019;81(3):284-291.