Niet-selectieve bètablokkers in verdenking gesteld

Niet-selectieve bètablokkers worden met succes gebruikt bij de preventie van bloedingen bij cirrosepatiënten met slokdarmvarices, maar die behandeling is misschien niet zonder risico.
Er zijn immers aanwijzingen dat het gebruik van niet-selectieve bètablokkers het optreden van een trombose van de vena portae in de hand kan werken. Een trombose zou de mogelijkheid tot levertransplantatie in het gedrang kunnen brengen en heeft negatieve invloed op de overleving, zelfs als een levertransplantatie nog mogelijk is.
De risicofactoren voor een trombose van de vena portae zijn niet goed bekend. Een groep van een tertiair referentiecentrum voor levertransplantatie van het universitaire ziekenhuis van Porto heeft een prospectieve studie uitgevoerd bij 108 ambulante patiënten met cirrose zonder trombose van de vena portae die tussen januari 2014 en februari 2017 in de studie werden opgenomen. Om de drie tot zes maanden werd een duplexechografie uitgevoerd. Van die patiënten kregen er 57 niet-selectieve bètablokkers.
Tijdens een mediane follow-up van 19 maanden hebben 11 patiënten een trombose van de vena portae ontwikkeld (volledige occlusie n = 2 en partiële occlusie n = 9), van wie er tien werden behandeld met niet-selectieve bètablokkers. Bij analyse konden twee factoren worden achterhaald die correleerden met een hoger risico op ontwikkeling van een trombose van de vena portae: preventie van bloedingen met niet-selectieve bètablokkers (HR 10,56; 95% BI 1,35-82,73; p = 0,025) en aanwezigheid van dikke slokdarmvarices (HR 5,67; 95% BI 1,49‐21,63; p = 0,011).
Drie belangrijke punten:
- Na correctie voor behandeling met niet-selectieve bètablokkers correleerde de aanwezigheid van dikke slokdarmvarices niet meer met een hoger risico op trombose van de vena portae.
- De dosering van de niet-selectieve bètablokkers was duidelijk hoger bij de patiënten die een trombose van de vena portae hebben ontwikkeld (47,5 ± 47,4 versus 34,6 ± 23,6 mg/d; p = 0,212). Het verschil was echter niet significant, waarschijnlijk doordat het aantal patiënten te klein was.
- Bij de patiënten die niet-selectieve bètablokkers kregen, waren de hartfrequentie en de snelheid van portale flow significant lager, maar dat correleerde niet met de ontwikkeling van een trombose van de vena portae.
Die studie wijst dus op een verband tussen het optreden van een trombose van de vena portae en het bestaan van slokdarmvarices. Mogelijk is dat verband toe te schrijven aan het gebruik van niet-selectieve bètablokkers, los van de effecten op de hartfrequentie en de portale bloedstroom. Verder onderzoek is uiteraard wenselijk om de onderliggende mechanismen te ontrafelen.
F Nery et al. Aliment Pharmacol Ther. 2019; 49: 582-8. https://onlinelibrary.wiley.com/doi/full/10.1111/apt.15137