Prostaatkanker : Lymfeklierresectie in geval van recidief beperkt tot de lymfeklieren
Meerdere Europese groepen hebben de wetenschappelijke literatuur doorgenomen, waarbij ze hebben aangetoond dat een rescue-interventie met resectie van de lymfeklieren een interessante therapeutische optie is bij patiënten met een recidief van prostaatkanker dat beperkt blijft tot de lymfeklieren, na een radicale prostatectomie. Die gegevens moeten echter nog worden bevestigd door prospectieve studies.
Patiënten met een recidief van prostaatkanker beperkt tot de regionale en/of retroperitoneale lymfeklieren, zouden een specifieke groep kunnen vormen waarbij de klinische evolutie gunstiger is dan bij mannen met een plaatselijk recidief in het beenderstelsel of viscerale organen. De Duitse Tilki-studie heeft aangetoond dat een resectie van de pelviene lymfeklieren de overleving van die patiënten verbetert.
Nut van beeldvorming
De auteurs hebben de thans beschikbare literatuur doorgenomen over rescueresectie van de lymfeklieren bij patiënten met een klinisch recidief van prostaatkanker beperkt tot de lymfeklieren na een radicale prostatectomie. De auteurs concluderen dat het met de huidige beeldvormingstechnieken zoals 11-cholinepositronemissietomografie en diffusiegewogen magnetische kernspinresonantie mogelijk is om een recidief beperkt tot de lymfeklieren te diagnosticeren bij patiënten met een biochemisch recidief na een radicale prostatectomie.
Progressie afremmen en hormoontherapie uitstellen
Bij die patiënten kan een rescueoperatie met resectie van de lymfeklieren een interessante therapeutische optie zijn. De huidige gegevens wijzen erop dat de operatie de klinische progressie kan afremmen en de noodzaak tot hormoontherapie kan uitstellen bij minstens een derde van de patiënten, ook al zullen de meesten toch een biochemisch recidief ontwikkelen. Een strikte patiëntenselectie kan de resultaten nog verbeteren. De frequentste complicaties na een rescuelymfeklierresectie zijn lymforroe (15,3 %), koorts (14,5 %) en ileus (11,2 %).
Te bevestigen
De auteurs merken evenwel op dat alle studies retrospectieve, monocentrische studies waren uitgevoerd bij een beperkt aantal patiënten en met een vrij korte follow-up. Die observaties kunnen dus nog niet worden veralgemeend. Prospectieve studies zijn nodig om die bevindingen te bevestigen.