Seleniumsupplementen bij euthyroïdie ?
Selenium speelt een rol in de schildklierstofwisseling: het enzym dat thyroxine (T4) omzet in actief trijodothyronine (T3) is seleniumafhankelijk. Seleniumtekort kan hypothydoïdie geven. Als de aanbreng van selenium via de voeding onvoldoende is, wat is dan het effect van supplementen selenium in verschillende dosissen op de schildklierfunctie?
Een gerandomiseerde, dubbelblinde, placebogecontroleerde studie, de Danish PREvention of Cancer by Intervention with SElenium pilot study (DK-PRECISE), probeert een antwoord te geven.
Bijna 500 mannen en vrouwen (60-74 jaar) werden gerandomiseerd tot 100 μg (n=124), 200 μg (n=122) of 300 μg (n=119) gist verrijkt met selenium of met placebo. Meer dan 360 deelnemers hielden dat tijdens de vijf jaar durende interventie vol.
Methoden en resultaten
Selenium werd bepaald in plasma; TSH, vrij T3 en vrij T4 werden gemeten in serum bij de start, na 6 maanden en op het einde van de vijf jaar.
Deelnemers die selenium kregen, zagen hun seleniumconcentratie significant en dosisafhankelijk stijgen (p<0,001). De concentraties van TSH en vrij T4 daarentegen daalden significant en dosisafhankelijk, respectievelijk met 0,066 mIU/l (p=0,010) en 0,11 pmol/l (p=0,015), per 100 μg/dag seleniumsupplement. De verschillen tussen de concentraties na 6 maanden en na 5 jaar waren verwaarloosbaar. Er werd geen significant effect op vrij T3 of op de verhouding vrij T3/vrij T4 vastgesteld.
Besluit
Bij deze euthyroïde deelnemers hebben seleniumsupplementen een rechtstreeks effect op de schildklierfunctie door TSH en vrij T4 te verlagen, in vergelijking met placebo. Op basis van deze resultaten besluiten de auteurs dat seleniumsupplementen niet nodig zijn in geval van marginale tekorten. De rol van seleniumsupplementen in de behandeling van auto-immune thyroïditis is daarmee echter niet van de baan.