Agressiever fenotype bij jongere type 2-diabetici
In het Verenigd Koninkrijk is de prevalentie van type 2-diabetes die begint vóór de leeftijd van 40 jaar, aanzienlijk gestegen: van 5,9% in 1991 naar 12,4% in 2010. Terwijl de focus bij jonge mensen eerder ligt op het vermijden van complicaties bij type 1-diabetes. Vandaar de vraag: welk diabetisch fenotype ontwikkelt de meest zorgwekkende complicaties?
Uit het diabetesregister van 2 ziekenhuizen in Sheffield werden 527 patiënten met type 2 geïdentificeerd bij wie de diabetes vóór de leeftijd van 40 (15-39) jaar begon. Zij werden vergeleken met 760 leeftijdsgematchte patiënten met type 1.
De maatstaf voor de diagnose van type 2 was een glykemie die het eerste jaar onder controle was met orale antidiabetica en/of negatieve autoantistoffen, terwijl voor type 1 binnen het jaar na de diagnose insuline noodzakelijk was en/of de aanwezigheid van autoantistoffen (glutaminezuurdecarboxylase, tegen eilandjescellen en eilandjes-antigen-2) werd aangetoond.
De focus lag op de complicaties, opgesplitst naar de duur van de diabetes (<10 jaar, 10-20 jaar, >20 jaar), en op de predictieve factoren voor de ontwikkeling van type 2-diabetes op jonge leeftijd.
Groter risico op complicaties
Voor elke diabetesduur was de diabetes in de type 2-groep op latere leeftijd gestart (p<0,0005) en was de prevalentie van obesitas, hoge bloeddruk en dyslipidemie significant (p<0,0005) hoger dan bij de type 1-patiënten. Het atherogeen milieu was vroeger aanwezig en obesitas had een grotere impact op het cardiovasculaire risico. Zo hadden type 2-diabetici met een BMI>25 kg/m2 significant meer hoge bloeddruk en dyslipidemie dan type 1-diabetici met hetzelfde BMI.
Hart- en vaatziekten, voornamelijk ischemische hartziekten, traden bij deze jongere type 2-diabetici dan ook op in een vroeger stadium van de ziekte dan bij type 1. Ondanks vergelijkbare glykemiecontrole en diabetesduur, hadden de type 2-diabetici vaker te maken met neuropathische complicaties, in tegenstelling tot retinopathie die vergelijkbaar was tussen beide groepen.
Na een evolutie van 20 jaar waren beroerte en perifere vaatziekten significant hoger in de groep met type 2.
Onafhankelijke predictor
Correctie voor de traditionele risicofactoren toonde dat type 2-diabetes die vóór de leeftijd van 40 jaar start, een onafhankelijke predictor voor hart- en vaatziekten (p<0,005) en neuropathie (p<0,05) is. Naast glykemiecontrole en aanpak van risicofactoren, moeten ook therapietrouw en gezonde leefstijl bij 'jonge' type 2-diabetici streefdoelen zijn.