Cystectomie: daar zijn de robots weer
Open chirurgie is nog altijd de standaard bij het uitvoeren van een radicale cystectomie. Er wordt echter ook almaar vaker laparoscopische en robotgeassisteerde chirurgie uitgevoerd. Welke techniek moet de voorkeur krijgen?
Amerikaanse en Europese vorsers hebben gezamenlijk de literatuur doorgenomen en een meta-analyse uitgevoerd van de pathologische, oncologische en functionele uitkomstmaten van robotgeassisteerde chirurgie in vergelijking met open of laparoscopische chirurgie.
Ze hebben 105 artikels teruggevonden. 85 artikels bevatten informatie over de pathologische, oncologische en functionele resultaten. Het betrof merendeels retrospectieve studies uitgevoerd bij een klein aantal patiënten en met een korte follow-up. Vaak vertoonden ze ook een belangrijke selectiebias.
Gemiddeld werden tijdens de dissectie 19 lymfeklieren gepreleveerd. 22% van de lymfeklieren was positief. De kwaliteit van de lymfadenectomie correleerde met het aantal ingrepen dat al werd uitgevoerd door de chirurg en in het ziekenhuis. Bij analyse van de gegevens werd geen verschil in prelevatie van lymfeklieren waargenomen tussen robotgeassisteerde chirurgie en open chirurgie. 5,6% van de resectieranden was positief. Dat cijfer bleek mettertijd niet te dalen. Er was evenmin een verschil tussen klassieke of laparoscopische chirurgie en robotgeassisteerde chirurgie.
In 0-31% van de gevallen werd een neoadjuvante chemotherapie gegeven. 4-29% van de patiënten hebben een adjuvante chemotherapie gekregen. Slechts 6 reeksen van gevallen hebben een follow-up van meer dan 3 jaar gerapporteerd. De ziektevrije overleving, de kankerspecifieke overleving en de totale overleving na 3 jaar bedroegen respectievelijk 67 tot 76%, 68 tot 83% en 51 tot 80%. Na 5 jaar was dat respectievelijk 53 tot 74%, 66 tot 80% en 39 tot 66%. Zoals al was aangetoond bij open chirurgie, correleerden een hoog pathologisch stadium en lymfeklierinvasie met een minder goede overleving.
De auteurs betreuren dat er zo weinig gegevens voorhanden zijn om de functionele resultaten te kunnen beoordelen. Na 12 maanden bedroeg het percentage continentie 83-100% overdag en 66-76% 's nachts. In één reeks waarin het effect op de erectie werd onderzocht, vertoonde 63% van de patiënten normale erecties na 12 maanden.
De auteurs concluderen dat er nog te weinig gegevens zijn over de oncologische en functionele resultaten van robotgeassisteerde chirurgie. Ze pleiten dan ook voor het uitvoeren van prospectieve studies. Volgens hun analyse zouden de resultaten van robotgeassisteerde chirurgie echter vergelijkbaar zijn met die van open chirurgie. Gegevens over de overleving op lange termijn zijn er nog niet. Robotgeassisteerde chirurgie is dus zeker interessant en de resultaten lijken vergelijkbaar te zijn.