Canagliflozine bij type 2-diabetici met nierfalen
Deze studie onderzocht de doeltreffendheid en de veiligheid van canagliflozine, een natrium-glucose co-transporter 2 (SGLT2) inhibitor, bij type 2-diabetici met stadium 3 nierinsufficiëntie (eGFR ≥30 ml maar <50 ml/min). De effecten op de nierfunctie zijn verrassend maar tegelijk geruststellend.
In de studie werden 269 type 2-diabetici geïncludeerd met een gemiddelde eGFR van 39,4 ml/min. Zij werden dubbelblind gerandomiseerd tot 100 of 300 mg canagliflozine of placebo eenmaal per dag. In principe wordt deze SGLT2-inhibitor niet aanbevolen bij patiënten met een eGFR onder 45 ml/min.
Doeltreffend
Na 52 weken reduceerden beide dosissen van het actief product het HbA1c: het verschil met placebo bedroeg respectievelijk -0,27% en -0,41%. Ook de nuchtere glykemie, het lichaamsgewicht en de bloeddruk daalden met canagliflozine. De verwachte nevenwerkingen van deze klasse deden zich ook voor: symptomen van osmotische diurese met beide dosissen, terwijl urineweginfectie en dehydratatietekens frequenter waren met de hoogste dosis versus placebo.
Nierbeschermend
Zoals verwacht daalde de eGFR met canagliflozine op een dosisafhankelijk manier in het begin van de studie, maar herstelde zich later naar de baselinewaarden. Anderzijds was de albumine-excretie in de urine verminderd bij deze patiënten met nierfalen: het mediaan percentage reductie van urinaire albumine/creatinine ratio versus placebo bedroeg -16,4% met 100 mg , -28,0% met 300 mg en +19,7% met placebo. Zo lijkt het erop dat canagliflozine de nier beschermt tegen verdere schade of althans de achteruitgang van de nierfunctie vertraagt. Dit zou kunnen betekenen dat de endotheelfunctie zich herstelt en het risico op cardiovasculaire voorvallen afneemt. Moet worden vervolgd.