Androgeenspiegels bij vrouwelijke topatleten
Wat zijn de normale serumandrogeenspiegels bij vrouwelijke topatleten? Rekening houdend met mogelijke invloeden van menstruatiecyclus, anticonceptivagebruik, soort sport en ras. Eerder verscheen een controverse over de norm die door de internationale sportfederaties (IAAF en IOC) werd opgelegd.
In een Letter to the editor trekken Ritzen M et al. van leer tegen Healy et al. die stellen dat de door het IOC opgelegde norm voor testosteronspiegel bij vrouwelijke atleten niet houdbaar zou zijn. Het reglement zegt immers dat, om deel te nemen aan de competitie bij de vrouwen, in aanwezigheid van fysieke tekens van hyperandrogenisme, de testosteronspiegels bij rust niet hoger mogen zijn dan 10 nmol/l (de normale waarden bij mannen). En Healy vond bij 5% van zijn deelneemsters hogere waarden.
Onder de drempel
Bermon et al. hebben nu serumtestosteron, dehydro-epiandrosteronsulfaat, androsteendion, SHBG en gonadotrofinen bepaald bij 849 vrouwelijke topatleten. Belangrijk: ze gebruikten vloeistofchromatografie-hoge resolutie massaspectrometrie of immunoassay (de betrouwbaarheid van deze laatste methode wordt door Ritzen et al. in twijfel getrokken).
Het moment van de staalafname, de leeftijd en het soort sport hadden slechts een kleine invloed op de testosteronconcentraties, het ras al helemaal geen.
Atleten die orale anticonceptiva gebruikten, hadden de laagste androgeen- en gonadotrofinespiegels, en de hoogste SHBG-concentraties. Na exclusie van vijf vrouwen die doping gebruikten en vijf vrouwen met stoornissen in de seksuele ontwikkeling, lagen de waarden voor mediaan en vrij testosteron dicht bij die van sedentaire jonge vrouwen. Percentiel 99 voor testosteronconcentratie was 3,08 nmol/l, wat onder de drempel voor hyperandrogene vrouwen met normale androgeengevoeligheid ligt.
De prevalentie van hyperandrogenisme in deze populatie was 7/1000, dat is 140-maal hoger dan verwacht in de algemene bevolking.
Betekenis
Volgens de auteurs is dit de eerste studie die normen voor testosteronspiegels bepaalt bij vrouwelijke topatleten. Op basis van deze bewijzen zou men aanbevelingen kunnen maken voor een fair beleid bij vrouwelijke atleten met hyperandrogenisme.