Uretero-intestinale anastomose: eerst niets doen
Dat is geen oproep tot luiheid, integendeel. Maar de Amerikanen werden toch met verstomming geslagen door de resultaten van een studie over uretero-intestinale anastomose die werd uitgevoerd in het universitaire ziekenhuis van Leuven.
Het kan vreemd lijken uit de mond van een chirurg, maar dat is inderdaad wat de Leuvense urologen voorstellen in geval van een stenose van de uretero-intestinale junctie aangelegd na een cystectomie. In Europa is dat een bekend gegeven, maar de Amerikaanse specialisten waren toch erg verrast. Een stenose van de uretero-intestinale junctie is een zeldzame, maar ernstige complicatie. De Leuvense onderzoekers hebben de veiligheid onderzocht van een conservatieve behandeling tijdens een periode van tien jaar.
Tussen 2001 en 2011 hebben 775 patiënten een radicale cystectomie ondergaan. Bij de helft van de patiënten werd een reconstructie of derivatie uitgevoerd. Die laatste patiënten werden uit de studie uitgesloten. Dan bleven er nog 304 patiënten over met een uretero-ileale anastomose. De onderzoekers hebben de gegevens van de patiënten retrospectief geëvalueerd. Slechts 29 patiënten hebben een stenose ontwikkeld (6,6%). De mediane tijd tussen de cystectomie en het optreden van de stenose was 11,2 maanden. Een daling van de glomerulusfiltratiesnelheid, pijn en een urineweginfectie met koorts waren indicaties om een interventie uit te voeren.
Verrassende gegevens
Bij zeven patiënten werd een stent geplaatst, bij twee patiënten een percutane nefrostomiesonde en bij twee werd de ureter opnieuw op de dunne darm ingeplant. Asymptomatische patiënten met een correcte nierfunctie werden gevolgd zonder andere interventie. De gemiddelde glomerulusfiltratiesnelheid bij de patiënten met een stenose bedroeg 62 ml/min na 60 maanden follow-up, 48 ml/min bij de patiënten met een stent en 60 ml/min bij de patiënten die een cystectomie hadden ondergaan met uretero-intestinale anastomose zonder stenose.
"Die resultaten hebben wat controverse opgewekt. De Amerikanen zijn het immers gewoon om meteen in te grijpen. Een heringreep verhoogt echter het risico op infectie en andere complicaties. Onze studie, die werd gepresenteerd door Evert Baten, toont dus aan dat niets doen soms te verkiezen is, vooral bij patiënten met een unilaterale stenose en een goede nierfunctie", concludeerde Steven Joniau.