Evolutie van hartslag onder behandeling acromegalie
Acromegalie, of hypersecretie van groeihormoon, gaat gepaard met een zekere mate van cardiovasculaire mortaliteit en morbiditeit die afnemen als de behandeling aanslaat. Heeft een behandeling die tot doel heeft de IGF-1-spiegels (insulinelike groeifactor) te normaliseren, een effect op de autonome modulering van de hartslag?
In deze studie werd de hartritmevariabiliteit onder invloed van de acromegaliebehandeling over de tijd onderzocht. Daarbij schakelden de onderzoekers interferentie door het obstructief slaapapneusyndroom uit.
Onder behandeling
Om de impact van de behandeling op de hartslag te onderzoeken, kregen 16 opeenvolgende patiënten met de pas gestelde diagnose van acromegalie van nul tot zeven uur een hartmonitoring via Holter en tegelijkertijd een slaaponderzoek. De groep bestond uit 12 mannen en de gemiddelde leeftijd was 44 ± 12,4 jaar.
Onder behandeling daalden de IGF-I spiegels van 807±333 naar 207±69 ?g/l. Ze werden bij alle patiënten normaal. Bij zeven patiënten werd baseline een slaapapneusyndroom vastgesteld.
Vagale impact op hartslag
De behandeling had geen invloed op de polysomnografische parameters. Zij deed wel de opeenvolgende normale sinusintervals toenemen (NN), evenals de standaardafwijking tussen twee normale intervals (SD-NN), het percentage NN die van de vorige NN meer dan 50 milliseconden verschilden (pNN-50) en het gemiddelde verschil tussen twee opeenvolgende NN in het kwadraat, een vaak gebruikte maat om de vagale sturing van de hartslag te meten (RMSSD) (allen p<0,05). Deze hartritmevariabiliteit werd niet beïnvloed door het soort behandeling, en er was geen verband tussen wijzigingen in twee normale intervals en de apneu-hypopneu-index (p=0,58).
Besluit
Bij een geslaagde behandeling van acromegalie stijgt de parasympatische modulering en daalt de sympatische modulering van de hartslag tijdens de nacht. Dit effect blijkt geen verband te houden met wijzigingen in slaapapneutoestand. Deze verbetering van de cardiovasculaire homeostase onder invloed van de behandeling kan het gevolg zijn van een betere modulering van het hart door het autonoom zenuwstelsel.