Stressincontinentie: hoever staan we met transplantatie?
Dankzij recente aanwinsten in de biotechnologie die resulteren in een betere groei van de initiële cellen, wordt almaar vaker overgegaan tot autologe transplantatie om weefsels te herstellen. Dat zou een interessante therapeutische optie kunnen zijn ...
Organen volledig herstellen is een droom ... die misschien wel ooit werkelijkheid wordt. Er bestaan verschillende therapeutische opties, maar de interessantste is waarschijnlijk transplantatie van autologe cellen. Amerikaanse onderzoekers hebben een analyse uitgevoerd van de samengevoegde gegevens van fase I- en fase II-studies die dezelfde selectiecriteria hebben toegepast. De studie werd uitgevoerd bij vrouwen met stressincontinentie die therapieresistent waren en van wie de toestand tijdens de laatste 6 maanden voor de ingreep niet was verbeterd. De behandeling bestond in injectie in de sfincter van verschillende doses van autologe spiercellen die waren afgenomen uit de m. quadriceps en in cultuur waren gebracht. De patiënten werden in vier groepen ingedeeld naargelang van de toegediende dosis: een lage dosis (10) en almaar hogere doses (50, 100 en 200). De studie had vooral tot doel de veiligheid van de techniek en de incidentie en de ernst van de bijwerkingen te evalueren. De efficiëntie werd beoordeeld naar het aantal urinelozingen over een periode van 3 dagen, het aantal luiers en de resultaten op enkele evaluatieschalen.
80 patiënten hebben een injectie gekregen en 72 patiënten hebben de tests ondergaan na 12 maanden follow-up. De injecties veroorzaakten geen bijwerkingen. De patiënten die de hoogste doses hadden gekregen, vertoonden de sterkste verbetering tijdens de follow-up (minstens 50% minder urineverlies en daling van het gewicht van de luiers). Bij alle patiënten waren de scores op de Urinary Distress Inventory (UDI-6) en de Incontinence Impact Questionnaire (IIQ-7) na 12 maanden verbeterd in vergelijking met het begin van de studie.