Acute cystitis: is midstraalurine wel betrouwbaar?
De verwekker van een acute ongecompliceerde cystitis wordt klassiek opgespoord door onderzoek van midstraalurine. Maar hoe moet je het resultaat van de analyse interpreteren? Een studie in The New England Journal of Medicine.
Bij 226 niet-gemenopauzeerde vrouwen van 18-49 jaar met een acute, ongecompliceerde cystitis werd midstraalurine afgenomen en daarna een urinemonster via blaaskatherisatie. De resultaten van de culturen van die 202 koppels werden onderzocht om de positieve en de negatieve voorspellende waarde van de twee methoden te evalueren met de urine die werd verkregen via blaaskatheterisatie als referentie.
De aanwezigheid van E. coli in de midstraalurine voorspelde zeer sterk een urineweginfectie, ook in geval van zeer lage concentraties (PVW van 102 CFU/ml 93%). De aanwezigheid van grampositieve bacteriën (vooral groep B-streptokokken en enterokokken) in de midstraalurine bewijst daarom nog niet dat er een infectie is, zelfs bij concentraties > 104 CFU/ml.
Bij een acute ongecompliceerde cystitis bij niet-gemenopauzeerde vrouwen verdient het dus stellig aanbeveling om E. coli op te sporen in een midstraalurinespecimen omdat E. coli een frequente verwekker van urineweginfecties is, en om niet te veel aandacht te besteden dat de grampositieve bacteriën die tegelijkertijd worden teruggevonden omdat die zelden verantwoordelijk zijn voor de cystitis.
Daar zouden we dus aan moeten denken voor we een behandeling met antibiotica starten.