Van de benen naar de blaas ...
De nervus tibialis stimuleren om blaasstoornissen te behandelen, het idee is niet nieuw, maar in hoeverre is dat allemaal bewezen?
De behandeling van een overactieve blaas kan erg moeilijk zijn. Er zijn veel studies uitgevoerd met stimulering van de nervus tibialis bij overactieve blaas, maar ook bij niet-obstructieve urineretentie, neurogene blaas, een slechte lediging van de blaas bij kinderen en bij het syndroom van urologische chronische pelviene pijn. Ondanks de publicaties van de laatste 10 jaar is het effect van stimulering van de nervus tibialis op de urinewegen nog niet heel duidelijk. Vorsers hebben een grondig literatuuroverzicht uitgevoerd om na te gaan of die techniek enige toekomst heeft en wat de limieten ervan zijn. Ze hebben daarvoor alle studies doorgenomen die daarover werden gepubliceerd.
Stimulering van de nervus tibialis blijkt efficiënt te zijn bij 37 tot 100% van de patiënten met een overactieve blaas, bij 41-100% van de patiënten met urineretentie en bij tot 100% van de patiënten met een chronisch bekkenpijnsyndroom en ook bij kinderen en volwassenen met een neurogene blaas. Er werden geen ernstige complicaties of bijwerkingen gerapporteerd. Het aantal studies met een hoog niveau van bewijskracht is evenwel vrij laag.
Desalniettemin vinden de auteurs dat stimulering van de nervus tibialis een efficiënte en veilige therapeutische optie is bij patiënten met een overactieve blaas. Het is evenwel niet duidelijk of het zin heeft die techniek verder te onderzoeken in andere indicaties en of de techniek doeltreffend is op lange termijn.