Vrouwen hebben meer kans om te sterven na radicale cystectomie
Onderzoekers hebben vastgesteld dat vrouwen een hoger risico vertonen op kankerspecifieke mortaliteit na een radicale cystectomie als behandeling van een urotheliaal carcinoom van de blaas (UCB). Deze resultaten zouden het gevolg kunnen zijn van een verschil in zorg en/of biologie van de UCB.
De onderzoekers analyseerden retrospectief de gegevens van 8102 patiënten (6497 mannen, 80% en 1605 vrouwen, 20%) die tussen 1971 en 2012 een radicale cystectomie ondergingen als behandeling van een urotheliaal carcinoom van de blaas (UCB).
Over het algemeen bleken de vrouwelijke patiënten ouder te zijn op het ogenblik van de ingreep (p = 0.033) en was hun ziektestadium hoger geklasseerd T3/T4 (p < 0.001). Bij een univariabele analyse bleek dat vrouwen een hoger risico vertoonden op terugkeer van de ziekte (p = 0.022), maar dit kon niet bevestigd worden in een multivariabele analyse (p = 0.11). Het statistisch model toonde wel aan dat vrouw zijn een onafhankelijke voorspellende factor was voor kankerspecifieke mortaliteit (p = 0.004).
Er kon geen significante interactie vastgesteld worden tussen geslacht, stadium van de ziekte, nodale metastasen of lymfovasculaire invasie (alle p-waarden >0.05).
Vrouwen vertonen dus een hoger risico op kankerspecifieke mortaliteit na radicale cystectomie dan mannen. Aangezien dit verschil in geslacht geen verband hield met verschillen op vlak van stadium van de ziekte, nodale metastasen of lymfovasculaire invasie moet de reden hiervoor ergens anders gezocht worden. De onderzoekers speculeren dat een verschil in zorg en/of biologie van de UCB de verklaring zou kunnen zijn voor dit verschil in uitkomst tussen de geslachten.