Naar een verandering van mentaliteit
De urologen, die zich almaar verder specialiseren, zullen ook almaar vaker moeten samenwerken met experts van andere medische specialismen om te komen tot een optimale therapeutische consensus voor de patiënt. En er kondigt zich al een andere revolutie aan: een hergroepering in zogeheten 'referentieziekenhuizen' voor de behandeling van bepaalde aandoeningen. Dat denkt prof. Thierry Roumeguère, diensthoofd urologie van het Erasmusziekenhuis.
"We hebben het geluk dat de urologie een medisch-chirurgisch specialisme is. Dat biedt ons de mogelijkheid om naast endoscopie te opteren voor een meer 'medische' of een meer 'chirurgische' activiteit. Dat alles draagt bij tot de rijkdom van ons specialisme", zegt prof. Roumeguère. Maar de zaken veranderen. De urologie heeft de laatste 20 jaar een werkelijk fabuleuze evolutie gekend (en kent dit nog altijd) op het gebied van chirurgische en endoscopische technieken en de medicamenteuze behandeling.
Ieder zijn specialisatie
Zo kunnen we stenen behandelen met extracorporale lithotripsie of endoscopisch via ureteroscopie. Met flexibele ureteroscopen kunnen we nu ook kinderen behandelen en kunnen we de nierkelken bereiken, wat met een semirigide ureteroscoop niet mogelijk was. Dankzij bepaling van het PSA-gehalte kunnen we prostaatkanker in een plaatselijk stadium diagnosticeren en behandelen. De nieuwe technieken geven betere functionele resultaten, met name inzake urine-incontinentie en erectiestoornissen. Van open chirurgie zijn we geëvolueerd naar laparoscopie en nu robotgeassisteerde chirurgie. En het gaat nog verder", zegt prof. Roumeguère.
"Ons specialisme wordt almaar meer gespecialiseerd. 20 jaar geleden kon een uroloog zowel geneeskunde als chirurgie en endoscopie doen. Ik denk dat de urologen nu na een algemene urologische basisopleiding veel sneller één bepaalde richting zullen inslaan: een medische behandeling met diagnose, opsporing en follow-up of medische oncologie met betere behandelingen, ofwel zullen ze superchirurgen of supergespecialiseerde endoscopisten worden."
Expertise en samenwerking
Het diensthoofd urologie van het Erasmusziekenhuis prijst zichzelf gelukkig dat zijn collegae en hijzelf niet meer alleen werken, elk in zijn eigen hoekje. "Hoe meer je je specialiseert, des te bedrevener zal je worden in een bepaald domein en zal je moeten samenwerken met andere specialismen en andere experts om te komen tot een optimale therapeutische consensus. Want een superchirurg met zijn superrobot zal niet meer voldoende competent zijn om ook kankerpatiënten met nieuwe geneesmiddelen te behandelen." Die evolutie in de urologie is volgens hem zowel transversaal als multidisciplinair, gezien de vergrijzing van de bevolking (en dus meer kankers) en de snelle evolutie naar een multidisciplinaire aanpak die aangepast is aan de geriatrische populatie.
Probleem van kosten
Dan is er nog het probleem van de kosten van die moderne technieken en nieuwe geneesmiddelen. Gezien de huidige economische conjunctuur zullen we evolueren naar een politiek van forfaitarisering van de medische zorg. Het gevaar bestaat dat we bepaalde patiënten niet verder zullen kunnen behandelen zonder te moeten putten in de reserves van het ziekenhuis. "Als dat het geval is, vrees ik dat bepaalde behandelingen niet meer overal kunnen worden uitgevoerd. Er zal een hergroepering plaatsvinden naar zogeheten 'referentieziekenhuizen', die middelen zullen hebben voor bepaalde aandoeningen." Volgens Thierry Roumeguère is die evolutie daarom nog niet slecht, op voorwaarde dat de toegankelijkheid tot die centra en de zorg gegarandeerd wordt voor iedereen. De mentaliteit moet dan zeker sterk veranderen.