Slaap, glucose en functioneren bij diabetes type 1
Onderzoek dichtte al een rol toe aan de tragegolflslaap in de glucosehomeo-stase en de insulinegevoeligheid, maar dan meestal bij volwassenen met diabetes type 1. Een nieuwe studie focust op kinderen met diabetes type 1.
Onvoldoende slaap, slaperigheid, een abnormale slaaparchitectuur en een verstoorde ademhaling tijdens de slaap zijn aspecten van de slaap die problematisch kunnen zijn bij personen met diabetes type 1 of 2 of met een risico daarop.
Drie hypothesen
De studie de we hier bespreken onderzocht de volgende hypothesen bij jonge diabetes type 1. Ten eerste dat jongeren met slaapgerelateerde ademhalingsstoornissen een slechtere glykemiecontrole hebben. Ten tweede dat slaperigheid gepaard gaat met minder goed psychosociaal functioneren. Tenslotte dat jongeren met diabetes type 1 significant minder tragegolfslaap kennen.
Gevolgen van minder diepe slaap
Uit de resultaten blijkt dat zelfs een licht gestoorde ademhaling tijdens de slaap (totale apnee-hypopnee index - AHI - 31,5) bij jongeren met diabetes type 1 leidt tot hogere glucosespiegels en hyperglykemie. Jongeren met diabetes type 1 blijven langer in de fase van lichte slaap (N2) en minder lang in diepe slaap (N3) dan de controlepersonen. Het verschil was ongeveer 5 %. Op basis van een nacht van 7 uren komt dat overeen met 21 minuten minder tragegolfslaap.
Tekortkomingen
De studie heeft wel enkele beperkingen. Zo werd geen rekening gehouden met insulinebepalingen. Verder was het aantal jongeren met ernstige slaapgerelateerde ademhalingsproblemen (AHI 3 5) laag. En tijdens de continue glucosemeting gebruikten de onderzoekers polsactigrafie (meet bewegingsactiviteit en lichtintensiteit) om de slaap-waaktoestand te bepalen en niet de polysomnografie. Omdat polysomnografie over de duur van de meting (3 5 dagen) niet haalbaar was.
Naar de praktijk
De studie toont duidelijk aan dat artsen moeten peilen naar slaperigheid en slaapproblemen bij jonge patiënten met diabetes type 1. Clinici en onderwijzend personeel moeten zich ervan bewust zijn dat slaperigheid, gestoorde slaap of slechte slaapgewoonten het functioneren van de jongeren overdag kan beïnvloeden. Met bovendien de mogelijkheid van interferentie met de diabetescontrole zelf, de levenskwaliteit en de schoolprestaties.