VIB-KU Leuven
Kritisch kantelpunt in de ziekte van Alzheimer
Onderzoekers van het VIB, de KU Leuven, het UK-DRI en Muna Therapeutics, onder meer gesteund door de ERC, ontdekten een kritische biologische overgang die zou kunnen bepalen of de ziekte van Alzheimer evolueert naar dementie.
Door hersenweefsel te bestuderen van ouderen met en zonder cognitieve achteruitgang, identificeerden de onderzoekers een kantelpunt dat verband houdt met de progressie van de ziekte en met mentale veerkracht.
De resultaten van hun onderzoek, gepubliceerd in Nature Medicine, suggereren dat veranderingen in microglia – de immuuncellen van de hersenen – een belangrijke doelwitstructuur kunnen vormen voor de ontwikkeling van toekomstige behandelingen tegen de ziekte van Alzheimer.
Op basis van menselijk weefsel
“Deze studie, die volledig gebaseerd is op weefsel van menselijke donoren, werpt licht op de evolutie van de ziekte van Alzheimer naar dementie en op de mechanismen die mentale veerkracht kunnen bevorderen”, verklaart prof. Bart De Strooper (VIB-KU Leuven Centrum voor Hersenonderzoek), houder van een ERC-beurs en auteur van de studie. “Het was een boeiend traject, uitgevoerd samen met talrijke partners.”
“Een beter begrip van de manier waarop de hersenen weerstand bieden tegen de ziekte zal nieuwe therapeutische perspectieven openen om neurodegeneratie en dementie te voorkomen”, voegt prof. Mark Fiers (VIB-KU Leuven), eveneens auteur van de studie, toe.
Onderscheidende biologische mechanismen
De nieuwe studie toont aan dat personen die cognitief gezond blijven ondanks de aanwezigheid van typische kenmerken van de ziekte van Alzheimer in hun hersenen, daarin slagen dankzij onderscheidende biologische mechanismen.
Door de hersenen te vergelijken van personen met en zonder dementie, evenals die van cognitief gezonde honderdjarigen, identificeerden de onderzoekers specifieke microgliale reacties die geassocieerd zijn met veerkracht tegenover de ziekte van Alzheimer. In een vroeg stadium van het ziekteproces namen deze cellen een toestand aan die geassocieerd was met amyloïde plaques. Later schakelden ze over naar een andere toestand die samenviel met het ontstaan van tau-eiwitkluwens. Deze overgang zou een kritieke stap kunnen vormen die bepaalt of de pathologie van de ziekte van Alzheimer evolueert naar dementie.
Nieuwe gerichte therapieën
Tachtigplussers die amyloïde plaques hadden opgebouwd maar vrij bleven van dementie, vertoonden een vroege microgliale respons, maar maakten de overgang niet naar de latere toestand die geassocieerd wordt met ziekteprogressie.
Honderdjarigen vertoonden een ander profiel: zij activeerden het late microgliale programma, maar deze respons trad op onafhankelijk van de ophoping van tau-eiwit. Een toestand die bij sommige individuen geassocieerd wordt met dementie, lijkt bij anderen dus losgekoppeld van de schadelijke gevolgen ervan. Deze observaties suggereren dat veerkracht niet simpelweg berust op de afwezigheid van ziektekenmerken, maar op het vermogen van de hersenen om hun reactie daarop te veranderen.
Deze ontdekkingen zouden richting kunnen geven aan de ontwikkeling van meer gerichte therapieën. Moleculen die erop gericht zijn de gunstige vroege microgliale reacties te behouden en die betrokken zijn bij de toestandsovergangen van microglia, zouden veelbelovende therapeutische doelwitten kunnen vormen.
Bovendien zouden interventies effectiever kunnen zijn wanneer ze worden toegepast vóórdat de hersenen het kantelpunt bereiken waarop microgliale cellen geassocieerd raken met tau-pathologie en cognitieve achteruitgang.
Referentie
Lu, A., Chen, WT., Dalby, M. et al. Human microglial transitions at the Aβ–tau inflection point associate with divergent pathways to dementia and resilience. Nat Med (2026). doi.org/10.1038/s41591-026-04393-8